Jopke Rozenberg-van Lisdonk
sergeant Gregory Fréni
‘Minder machteloos wanneer mijn kameraadje hulp nodig heeft’
Je buddy eerste hulp verlenen in het veld: iedere militair is ervoor opgeleid en kent de drills. Maar wat nou als je noodlijdende kameraad een militaire werkhond is? Sinds drie jaar is de cursus ‘EHBO/(Tactical) Combat Casualty Care bij militaire werkhonden’ een verplicht nummer voor hondengeleiders binnen Defensie. De laatste ‘batch’ voltooit dit jaar de opleiding. “Ik herken nu beter wanneer mijn hond niet lekker is en kan dan gerichter eerste hulp verlenen.”
“Ah, ah, ah, ah, stayin' alive, stayin' alive!” Vanuit een lokaal grenzend aan de Universiteitskliniek voor Gezelschapsdieren in Utrecht klinkt hét reanimatienummer aller tijden uit de speakers. Elf militairen – in burger – zijn druk in de weer met de reanimatie van hondendummy’s. Bij het in de juiste positie neerleggen van het dier vraagt één van de cursisten: “Kun je net als bij de mens de kinlift gebruiken?” ‘Nee’, is het antwoord. Hoewel eerste hulp bij honden in de basis veel lijkt op die bij mensen, werkt het soms nét even anders.
Tijdens de lessen staan risicofactoren inschatten, preventieve maatregelen nemen, verschijnselen herkennen, het verlenen van eerste hulp en tijdslijnen kennen centraal.
Inge Wijnberg is opgeleid als veterinair internist, oftewel gespecialiseerd dierenarts voor inwendige ziekten. Ze is werkzaam als senior adviseur infectieziekten en (micro)biologie bij het CEAG.
Specialist diergeneeskunde Inge Wijnberg bijt zich sinds tien jaar vast in ZHKH voor dieren
Certificering
Het is op zich niet voor het eerst dat hondengeleiders een soort ZHKH- (Zelfhulp & Kameradenhulp, red.) lessen toegepast krijgen op honden. De standaardisatie, borging en – heel belangrijk – de certificering ervan ontbrak echter al die jaren. Niet alleen binnen Nederland, ook op NAVO-niveau. Ieder krijgsmachtdeel gaf er daarom – goedbedoeld – zijn eigen invulling aan. Specialist diergeneeskunde Inge Wijnberg bijt zich er sinds tien jaar in vast om de zorg voor dieren binnen de NAVO helder en goed op niveau te krijgen. Ze doet dat als lid van verschillende NAVO-werkgroepen vanuit haar functie bij het Coördinatiecentrum Expertise Arbeidsomstandigheden en Gezondheid (CEAG) van Defensie. Die is de kennisdomeinhouder Dieren. Wijnberg heeft ruime kennis van zaken als dierenarts-internist, universitair docent, onderzoeker en onderwijsmaker op bachelor- en masterniveau.
Sinds 2023 krijgen jaarlijks vier klassen hondengeleiders de cursus ‘EHBO/(T)CCC bij militaire werkhonden’. Collega’s met een uitzending of buitenlandoefening voor de boeg mochten eerst.
Minimale eisen
In samenwerking met de Hoofddirectie Personeel schreef het CEAG de ‘Instructie 203 militaire werkhond’. Dat deed de organisatie in afstemming met de eenheden en beleidsmakers binnen Defensie die te maken hebben met militaire werkhonden. In de regelgeving staan onder meer de minimale eisen over de aanschaf, verzorging, het houden en werken met militaire werkhonden. Een deel daarvan is inmiddels in NAVO-afspraken vastgelegd. Het verlenen van eerste hulp is ook onderdeel van de zorg voor dieren. Dit is uitgewerkt in de EHBO/(Tactical) Combat Casualty Care ((T)/CCC)-cursus die in Nederland ondertussen van de grond gekomen is. Het CEAG ontwikkelde deze gecertificeerde cursus samen met de Faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht, een geaccrediteerde onderwijsinstelling. “De leerlijn ‘Onderwijs voor professionals’ van de universiteit mag én kan ‘medisch leken’ opleiden tot een niveau waarvan we bij Defensie vinden dat het nodig is”, licht Wijnberg de samenwerking toe. Het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN) ondersteunt de positie voor Defensie en de gekozen werkwijze met de Faculteit Diergeneeskunde als geaccrediteerde opleidingsplek voor niet-dierenartsen.
Een officiële cursus EHBO bij militaire werkhonden was er nog niet. Inge: “Wereldwijd zijn de ontwikkelingen vergelijkbaar. Iedereen is dit parallel aan het uitwerken.”
‘Een hond moet je muilkorven, omdat die in een noodsituatie door pijn of paniek om zich heen kan bijten’
Wel anders dan bij een mens
De Faculteit Diergeneeskunde is daarmee een logische locatie voor de EHBO/(T)CCC-cursus. De lessen worden gegeven door universitair docenten van de eerdergenoemde leerlijn. Op dummy’s leren de cursisten onder meer een beademingsbuis inbrengen, mond-op-neus-beademing toepassen en een hartmassage geven. “Dit is toch wel anders dan bij een mens”, ervaart korporaal 1 Jori, hondengeleider op Vliegbasis Volkel. “Je moet de hond op zijn zij leggen, op je knieën achter zijn rug gaan zitten en drukken op de ribben.” Toch ziet hij ook gelijkenissen met ZHKH op mensen. Zijn collega, korporaal Michael van Vliegbasis Gilze-Rijen, beaamt dat: “De protocollen komen aardig overeen met het door militaire hulpdiensten wereldwijd gebruikte MARCH- (Massive bleeding, Airway, Respiration, Circulation en Hypothermia, red.) protocol. Alleen een hond moet je daarbij nog muilkorven, omdat die in een noodsituatie mogelijk door pijn of paniek om zich heen gaat bijten.”
De cursus bestaat uit het aanleren van basisvaardigheden voor het verlenen van eerste hulp: behapbaar en binnen de juridische kaders voor medisch leken.
Kadavers
Alle deelnemers volgden eerder al de e-learning van het CEAG met lessen over de basisverzorging van de hond. Ook kregen ze op de universiteit twee dagdelen les over anatomie, waarbij cursisten onder meer werkten met kadavers. “De anatomiemodule van de universiteit hebben we aangepast naar een relevante beknopte cursus voor hondengeleiders van Defensie”, licht Wijnberg toe. De e-learning en anatomiecursus bestaan nu respectievelijk vijf en vier jaar en waren relatief eenvoudig op te zetten aangezien het om – grotendeels bestaande – theorie gaat. “Het ontwikkelen en certificeren van de EHBO/(T)CCC-module was een stuk lastiger”, vertelt ze. Het nam jaren in beslag. “Er kleven veel inhoudelijke en juridische aspecten aan. Het gaat immers over het aanleren van handelingen aan medisch leken en het certificeren van het mogen uitvoeren van die handelingen.”
Controle van onder meer hartslag, ademhaling, tandvlees en oren wordt beoefend op onderwijshonden van de universiteit. De daartoe getrainde zachtaardige beagle is daarvoor heel geschikt, in tegenstelling tot een particuliere herdershond.
Ook ‘gewone’ EHBO, zoals gebroken botten en open buik-, borst- en brandwonden passeren de revue
Herkennen
“Het belangrijkste is dat hondengeleiders de toestand van hun hond in een vroegtijdig stadium leren herkennen”, geeft Wijnberg aan. “Sommige symptomen zijn heel subtiel; dat maakt het lastig. Juist díe leren we hier.” Het gaat daarbij om verschijnselen die optreden bij bijvoorbeeld benauwdheid, shock, onderkoeling of juist oververhitting. Het zijn een aantal van de meest waarschijnlijke aandoeningen die tijdens militaire inzet kunnen voorkomen. Maar ook ‘gewone’ EHBO, zoals gebroken botten en open buik-, borst- en brandwonden passeren de revue. Net als aandoeningen zoals allergische reacties, diarree en spugen. Het is een heel complete cursus, volgens Wijnberg. “Het gaat erom dat hondengeleiders in het veld de nodige basishandelingen kunnen verrichten tot de hond bij een dierenarts is.”
In de klassen zitten militairen van land- en luchtmacht, marechaussee, marine en burgers van de Defensie Bewakings- en Beveiligingsorganisatie (DBBO) door elkaar.
‘Mijn hond is mijn kameraadje. Als er iets met hem aan de hand is, wil ik hem helpen’
Naar de dierenkliniek
Maar waar haal je in het veld zo snel een dierenarts vandaan, kun je je afvragen. “Voorafgaand aan een inzet met honden wordt altijd verkend waar de dierenklinieken zitten en hoe de afvoerlijnen daar naartoe lopen”, weet Wijnberg. “Daartoe zet je met de host nation een keten op. Dat was al zo in de tijd dat Defensie missies draaide in Afghanistan en Mali. In Nederland zorg je overigens ook voor een sluitende zorgketen.” Om niet ieder land opnieuw deze adressen en afvoerketens in kaart te laten brengen, draagt Wijnberg bij aan het maken van een NAVO-breed overzicht nabij oefen- en inzetgebieden. Wel zo makkelijk.
In de praktijkruimte op de universiteit nemen de hondengeleiders de kennis gretig tot zich. “Wij zijn allemaal hondenliefhebbers”, zegt één van hen. “Mijn hond is mijn kameraadje. Als er iets met hem aan de hand is, wil ik hem helpen. Deze cursus zorgt ervoor dat ik dan een stuk minder machteloos zal zijn.”
Hondengeleiders moeten gereed staan conform NAVO-eisen. Het voltooien van de e-learning, anatomieles en de EHBO/(T)CCC-cursus horen daarbij.
Train as you fight
Nieuw is de opfriscursus die in juni van start ging. In een tactische training wordt een inzetgebied met militaire scenario’s nagebootst. Deze is ontwikkeld door dezelfde universitaire leerlijn in samenwerking met het CEAG en een gespecialiseerd bedrijf.
De planning is deze eens per twee jaar aan te bieden. Een Europees specialist intensieve en spoedeisende zorg begeleidt de cursus inhoudelijk als senior docent. Met de afronding ervan certificeren hondengeleiders zich als ‘current’ voor militaire inzet.