Burnpits
(Oud-)medewerkers van Defensie hebben mogelijk gezondheidsklachten gekregen door de uitstoot van burnpits in missiegebieden. Dat bleek in 2018. Defensie opende daarom het Defensiemeldpunt Burnpits (externe link, opent in een nieuw venster of tabblad) en stelde onderzoeken in. De onderzoeken zijn nu afgerond. Op deze pagina vindt u meer informatie over burnpits, de onderzoeken en waar u met vragen terecht kunt.
Wat zijn burnpits?
In missiegebieden in Zuidwest-Azië was in het verleden soms geen mogelijkheid voor normale afvalverwerking. Daarom werd het verbrand. Dit gebeurde dit in zogeheten burnpits, kuilen op of bij het militaire kamp.
Veelgestelde vragen
Het onderzoek
De informatie over burnpits vindt u op deze pagina onder het kopje 'Documenten'. Daar staan ook de onderzoeken van het Institute for Risk Assessment Sciences van de Universiteit Utrecht (IRAS) en het Coördinatiecentrum Expertise Arbeidsomstandigheden en Gezondheid van Defensie (CEAG).
U vindt hier links naar een overzicht van Kamerbrieven en andere Kamerstukken en het Defensiemeldpunt Burnpits van het Centrum voor Arbeidsverhoudingen Overheidspersoneel (CAOP).
- Vlak na de oprichting begin 2019 voerde het Coördinatiecentrum Expertise Arbeidsomstandigheden en Gezondheid van Defensie (CEAG) een eerste beschouwing uit. Het CEAG analyseerde de binnengekomen meldingen en deed literatuuronderzoek naar 46 publicaties over de uitstoot van burnpits. Het CEAG deelde de resultaten in april 2019 met de melders en de Tweede Kamer.
- De Tweede Kamer wilde een validatie van de CEAG en daarom verzocht Defensie het Institute for Risk Assessment Sciences van de Universiteit Utrecht (IRAS) om beide CEAG-onderzoeken (het literatuuronderzoek en de analyse van de meldingen) te controleren op juistheid. Defensie vroeg het IRAS ook om een verdiepend literatuuronderzoek te doen. De resultaten van het validatieonderzoek deelde zij in maart 2020 met de melders en de Tweede Kamer.
- In november 2020 analyseerde het CEAG alle meldingen die tussen 4 februari 2019 en 26 juni 2020 binnenkwamen bij het Defensiemeldpunt Burnpits.
- In mei 2021 ronde het IRAS haar verdiepende literatuuronderzoek af. De uitkomsten van de analyse van de meldingen door het CEAG en de resultaten van het IRAS zijn aangeboden aan de melders en de Tweede Kamer.
Het Coördinatiecentrum Expertise Arbeidsomstandigheden en Gezondheid van Defensie (CEAG) concludeerde dat de publicaties in de literatuur geen eenduidig beeld geven over de mogelijke relatie tussen gezondheidsklachten en de uitstoot van burnpits. Uit de meldingen waren ook geen conclusies te trekken over de relatie tussen blootstelling aan de uitstoot van burnpits en gezondheidsklachten bij (oud-)Defensiemedewerkers. Het validatieonderzoek van het Institute for Risk Assessment Sciences van de Universiteit Utrecht (IRAS) over het CEAG-rapport bevestigde deze uitkomsten.
Defensie wilde daarom meer duidelijkheid krijgen over een mogelijke relatie tussen gezondheidsklachten en de uitstoot van burnpits. Ze verzocht het IRAS daarom ook een aanvullende studie te doen naar de beschikbare literatuur.
Het kost tijd om iets zorgvuldig, volledig en nauwkeurig te onderzoeken. Deze punten waren het belangrijkste bij het onderzoek.
Het is mogelijk dat door de uitstoot van burnpits gezondheidsproblemen bij militairen kunnen optreden.
Uit onderzoeksresultaten kon alleen niet worden beoordeeld hoe groot de kans is dat dit echt gebeurt en om welke gezondheidsproblemen het dan precies zou gaan. Dit ligt aan de blootstelling en aan de hoeveelheid waarin militairen zijn blootgesteld. Verschillende zaken spelen daarbij een rol:
- De afstand tot een burnpit;
- Meteorologische factoren zoals de windrichting;
- Het soort afval dat werd verbrand;
- Hoe vaak en hoe lang iemand is blootgesteld.
Van deze zaken is te weinig informatie beschikbaar voor militairen die betrokken waren bij de afvalverwerking. En ook voor militairen die op grotere afstand van de burnpits werkten.
Net als bij elke andere brand komen bij de verbranding in burnpits verschillende stoffen vrij: fijnstof, verbrandingsgassen en andere verbrandingsproducten. Op tientallen tot enkele honderden meters kunnen deze stoffen in risicovolle, ongezonde concentraties aanwezig zijn.
Het onderzoek van het Institute for Risk Assessment Sciences van de Universiteit Utrecht (IRAS) biedt helaas maar voor een deel duidelijkheid. Defensie onderzoekt de haalbaarheid van volgonderzoek waarbij gedacht wordt vanuit de gezondheidsklachten van diegenen die zich meldden.
Het meldpunt en de melders
Begin februari 2019 richtte Defensie het Defensiemeldpunt Burnpits op. De reden was dat er geen volledig beeld van registraties en meldingen was. Het meldpunt is ingericht bij het Centrum voor Arbeidsverhoudingen Overheidspersoneel (CAOP). Dit is een onafhankelijk kennis- en dienstencentrum op het gebied van arbeidszaken.
Omdat meldingen over gezondheidsklachten binnen Defensie bij Defensieartsen zijn opgenomen in medische dossiers, kan Defensie deze dossiers niet zomaar opvragen en inzien. Ze vallen namelijk onder het medisch beroepsgeheim. De registratie van blootstelling aan de rook van burnpits of dat iemand op uitzending met een burnpit is geweest geven niet aan of ook daadwerkelijk gezondheidsklachten zijn ontstaan. Vanwege deze redenen had Defensie niet inzichtelijk hoeveel mensen denken gezondheidsklachten te hebben door blootstelling aan burnpits. Daarom is besloten om een eigen meldpunt op te richten.
Sinds de oprichting van het Defensiemeldpunt begin februari tot 21 april 2021 kwamen 366 meldingen van (oud-)militairen binnen.
Het Coördinatiecentrum Expertise Arbeidsomstandigheden (CEAG) analyseerde in 2020 de binnengekomen meldingen. Het gaat hierbij om 305 meldingen waarvan is aangegeven dat Defensie de gegevens mag ontvangen. 30% meldde zich met gezondheidsklachten en 35% meldde zich vanwege de aandacht voor het onderwerp. De overige 35% meldde redenen als op uitzendingen zijn geweest, in aanraking komen met burnpits en zorgen over de toekomst.
73% van de melders maakt zich zorgen. De meest genoemde zorgen zijn gezondheid/ziekte en de toekomst. Regelmatig combineren melders hun zorgen en gaat het om zorgen over de gezondheid in de toekomst.
De meeste melders waren op uitzending in Afghanistan. De meest genoemde andere missiegebieden waren Irak en voormalig Joegoslavië. Meerdere melders gaven meer dan 1 uitzending op. Het is niet duidelijk of alle melders zijn uitgezonden naar een locatie met een burnpit.
De gemiddelde lengte van de uitzendingen is 126 dagen met een minimum van 3 dagen en een maximum van 396 dagen.
Sinds het Coördinatiecentrum Expertise Arbeidsomstandigheden en Gezondheid van Defensie (CEAG) de 2e analyse van de meldingen uitvoerde, kwamen er 3 nieuwe meldingen binnen bij het Defensiemeldpunt Burnpits. Die meldingen wijken niet af van het genoemde beeld. Op dit moment is er geen aanleiding om opnieuw een analyse uit te voeren. Het CEAG voert een 3e analyse uit als hernieuwde aandacht voor burnpits leidt tot een groot aantal aanvullende meldingen.
(Na)zorg betrokkenen
De conclusies van het onderzoek geven helaas weinig duidelijkheid. Het is goed mogelijk dat u zich afvraagt: hoe nu verder en kan ik nog iets doen? Hieronder leest u wat u in verschillende gevallen het beste kunt doen.
- Meld u bij het Defensiemeldpunt Burnpits (externe link, opent in een nieuw venster of tabblad) als u dat nog niet heeft gedaan (+31 6 58 07 6647 of defensiemeldpuntburnpits@caop.nl (externe link, opent in een nieuw venster of tabblad) ).
- Meld u bij uw gezondheidscentrum (als u nog in dienst bent) of huisarts (als u niet langer in dienst bent). De arts kan u nader onderzoek adviseren.
- U kunt ook gebruik maken van een individueel begeleidingstraject bij Bedrijfsmaatschappelijk Werk Defensie (BMW). BMW kan u de juiste begeleiding en ondersteuning geven. Het maakt daarbij niet uit of u inmiddels niet meer voor Defensie werkt. Heeft u hier behoefte aan? Dan kunt u dit aangeven bij het Defensiemeldpunt Burnpits (externe link, opent in een nieuw venster of tabblad) (+31 6 58 07 66 47 of defensiemeldpuntburnpits@caop.nl (externe link, opent in een nieuw venster of tabblad) ).
- Bent u veteraan? Dan kunt u met vragen of voor advies ook altijd terecht bij het Veteranenloket (externe link, opent in een nieuw venster of tabblad) van het Nederlands Veteraneninstituut (externe link, opent in een nieuw venster of tabblad) . Het Veteranenloket is 24 uur per dag, 7 dagen per week bereikbaar op +31 88 3340 000 of via info@veteranenloket.nl (externe link, opent in een nieuw venster of tabblad) .
Als u denkt dat uw klachten door een burnpit komen, onderzoekt Defensie dit.
- Als u nog in dienst bent, onderzoekt Bureau Medische Beoordelingen (BMB) dit. Het BMB kijkt bijvoorbeeld naar hoe vaak u in de buurt van een burnpit was. BMB bepaalt ook of uw klachten daarmee samenhangen. Uw commandant of bedrijfsarts kunnen u verwijzen naar BMB.
- Bent u niet langer in dienst? Dan kunt u een beoordeling aanvragen via het Veteranenloket (externe link, opent in een nieuw venster of tabblad) van het Nederlands Veteraneninstituut (externe link, opent in een nieuw venster of tabblad) . Het Veteranenloket is bereikbaar op +3188 3340 000 of via info@veteranenloket.nl (externe link, opent in een nieuw venster of tabblad) .
Als uit onderzoek blijkt dat schade aan uw gezondheid kan zijn veroorzaakt door burnpits, dan kunt u zich aanmelden voor de ‘regeling volledige schadevergoeding’.
Heeft u vragen die niet in dit overzicht staan? Dan kunt u uw vraag stellen via het Defensiemeldpunt Burnpits (externe link, opent in een nieuw venster of tabblad) . Het meldpunt is te bereiken op +31 6 58 07 66 47 of via defensiemeldpuntburnpits@caop.nl (externe link, opent in een nieuw venster of tabblad) .
Voor een toelichting van het onderzoek kan Defensie (online) informatiebijeenkomsten houden of individuele gesprekken. Geef uw wensen hiervoor aan bij het Defensiemeldpunt Burnpits (externe link, opent in een nieuw venster of tabblad) . Dit doet u door te mailen naar defensiemeldpuntburnpits@caop.nl (externe link, opent in een nieuw venster of tabblad) .
Situatie burnpits op dit moment
Nederlands Defensiepersoneel maakt al jaren geen gebruik meer van burnpits. Dit geldt over het algemeen ook voor landen waar Defensie mee samenwerkt en verblijft op militaire kampen. Lokale bedrijven verzamelen de afval vanuit de kampen en verwerken dit volgens de regelgeving voor dat land.
Nederland gebruikt zelf geen burnpits meer. Tegelijk kan niet worden uitgesloten dat Nederlandse militairen op missie soms in aanraking komen met uitstoot van burnpits. Het kan gebeuren dat de lokale bevolking of samenwerkingslanden toch burnpits gebruiken.
Om negatieve gezondheidseffecten op Defensiepersoneel zoveel als mogelijk te voorkomen zijn er in het inzetgebied mondneusmaskers beschikbaar. Ook zijn de werk- en verblijfsruimtes waar mogelijk voorzien van airconditioning met filters.
Defensie neemt nog apparatuur in gebruik waarmee ze mogelijk continu de luchtkwaliteit kan monitoren in missiegebieden. Defensie vindt het belangrijk om meer gegevens te hebben over blootstellingen tijdens missies. Zo kan ze sneller een link leggen met mogelijke gezondheidsrisico’s en eventuele gezondheidsklachten.
Defensie startte in november 2020 met het uitwerken van het rekenmodel Military Exposure Assessment Tool (MEAT). Daarmee hoeft Defensie de risico’s van blootstelling door het werk en door het milieu niet meer los van elkaar te beoordelen. MEAT brengt meetgegevens en modelschattingen van blootstelling door werk en milieu in een (mogelijk) missiegebied samen. Dit heeft het tijdrovende inschatten van de blootstellingsrisico’s vereenvoudigd en verbeterd.
Onderzoeken naar burnpits
Het Coördinatiecentrum Expertise Arbeidsomstandigheden en Gezondheid van Defensie (CEAG) onderzocht in bestaande literatuur of de gezondheidsklachten te maken kunnen hebben met burnpits. Ook onderzocht het CEAG de binnengekomen meldingen hierover. Helaas gaf dit niet de gewenste duidelijkheid. Onder het kopje 'Documenten' op deze pagina vindt u de CEAG-onderzoeken naar literatuur en meldingen.
Defensie vroeg daarom het Institute for Risk Assessment Sciences (IRAS) van de Universiteit Utrecht in 2019 om het CEAG-onderzoek te controleren en om aanvullend literatuuronderzoek te doen. Het CEAG deed ook extra onderzoek naar de meldingen.
Onderzoeksresultaten literatuurstudie IRAS
Het IRAS onderzocht welke gezondheidsrisico’s veroorzaakt kunnen zijn door de uitstoot van burnpits. Het ging daarbij om militairen die zijn uitgezonden naar Zuidwest-Azië. Uit het onderzoek blijkt in het kort het volgende:
Bij de verbranding in burnpits komen verschillende stoffen vrij: fijnstof, verbrandingsgassen en andere verbrandingsproducten (net als bij elke andere brand). Dichtbij burnpits (tientallen tot enkele honderden meters) kunnen deze stoffen in ongezonde concentraties aanwezig zijn. Het is daarom mogelijk dat door de uitstoot van burnpits gezondheidsproblemen bij militairen kunnen optreden.
Hoe groot de kans is dat dit echt gebeurt en om welke gezondheidsproblemen het dan precies zou gaan, kan op basis van de onderzoeksresultaten niet worden beoordeeld. Beide zaken zijn afhankelijk van de soort blootstelling en de hoeveelheid waarin militairen zijn blootgesteld. Daarbij spelen verschillende factoren een rol, zoals:
- De afstand tot een burnpit;
- Meteorologische factoren zoals de windrichting;
- Het soort afval dat werd verbrand;
- Hoe vaak en hoe lang iemand is blootgesteld.
Hier is te weinig over bekend om iets over mogelijke gezondheidsrisico’s te kunnen zeggen.
Deze conclusies sluiten aan op de eerdere resultaten van het CEAG.
Voor meer informatie: lees het onderzoeksrapport en de publiekssamenvatting van het IRAS. Onder het kopje 'Documenten' op deze pagina vindt u links naar de verschillende (onderzoeks)documenten.
Uitkomsten extra onderzoek burnpits CEAG
Het CEAG onderzocht in 2020 opnieuw de meldingen, nadat er bij het Defensiemeldpunt Burnpits (externe link, opent in een nieuw venster of tabblad) op dat moment in totaal 366 meldingen waren binnengekomen. De conclusie uit 2019 veranderde niet. Ook op basis van de meldingen zijn geen conclusies te trekken over de relatie tussen blootstelling aan de uitstoot van burnpits en gezondheidsklachten bij (oud-)Defensiemedewerkers.
Wat kunt u doen?
Er is zorgvuldig onderzoek gedaan. De onderzoeksresultaten geven helaas nog steeds weinig duidelijkheid.
Het is goed mogelijk dat u zich afvraagt: hoe nu verder? Onder het kopje Veelgestelde vragen burnpits op deze pagina leest u wat u in verschillende gevallen het beste kunt doen.
U kunt ook contact opnemen met het Defensiemeldpunt Burnpits (externe link, opent in een nieuw venster of tabblad) . Het meldpunt is te bereiken op +31 6 58 07 66 47 of via defensiemeldpuntburnpits@caop.nl (externe link, opent in een nieuw venster of tabblad) .