Sla over en ga naar de inhoud
2 militairen lopen op patrouille door de jungle.

‘Jungle vraagt veel van je’

KAP Kirsten de Vries

SM Gregory Freni

AOO Eva Klijn

Colombiaanse training zet Korps Mariniers op scherp

30 graden en een luchtvochtigheid van 90 procent. Om het weer in het Colombiaanse Turbo een pretje te noemen? Nee, niet bepaald. Maar het zijn wel díe omstandigheden waar het Korps Mariniers het half mei bijna 2 weken lang mee moet doen. Tijdens de grote oefening Estribo reisden 40 mariniers van het Marine Squadron Carib af naar het Zuid-Amerikaanse land voor een jungletraining met rivieroptredens.

Het is 07.30 uur. Of nou ja, eigenlijk 07.50 uur, want het Nederlandse principe ‘tijd is tijd’ geldt in Colombia duidelijk iets minder streng. De mariniers van het Bootpeloton en 2 Troop Marine Squadron Carib verdelen zich over 3 Piranha’s; kleine, snelle boten met in alle windrichtingen bewapening. Niet veel later varen ze onder toeziend oog van een kaaiman rustig het haventje uit, om daarna pijlsnel het open water over te vliegen. Op naar de jungle, op naar een onbekende vijand.

Die onbekende vijand is in dit geval een tiental Colombiaanse instructeurs die verschillende scenario’s voor hun collega’s uitzetten. Gebaseerd op eigen ervaringen confronteren ze de Nederlanders met drugslaboratoria, kartelbazen die ze moeten arresteren of guerrillastrijders die zich in bomen verschansen. Aan de mariniers de schone taak om hun kennis op de juiste manier toe te passen. Dat houdt in: infiltreren, verkennen, het doel veiligstellen en exfiltreren.

Guerrillastrijders in bomen, drugslaboratoria en gezochte kartelbazen; de Colombianen deden er alles aan om de Nederlanders flink uit te dagen.

Dit is super leerzaam voor ons

Kleinere teams

Maar dat de Tactics, Techniques & Procedures (TTP’s), zoals de mariniers ze kennen, duidelijk verschillen van die van de Colombianen, daar komen ze al snel achter. Marinier 1 Jorne van 2 Troop Marine Squadron Carib: “Het vechten in de jungle is heel anders dan wij gewend zijn. De Colombianen werken in kleinere teams. Of in ieder geval dicht bij elkaar, terwijl wij liever willen spreiden. Ook willen zij de MAG (machinegeweer, red.) verder naar voren, omdat we soms op hele smalle paadjes lopen en dan eerder vuur uit kunnen brengen. De tegenstanders kunnen hier overal zitten; hoog in een boom, maar ze kunnen zich daarnaast op veel andere plekken verstoppen. Wij zijn een hele duidelijke tegenstander gewend, dus dit is super leerzaam voor ons.”

Infiltreren, verkennen, het doel veiligstellen en exfiltreren.

Vijand alarmeren

Ook leerzaam: het klimaat en de omgeving. De dichte begroeiing bijvoorbeeld, die geruisloos bewegen veel lastiger maakt. Want elk krakend takje – en daarvan zijn er nogal wat in een jungle – kan de vijand alarmeren. Daarom leren de mariniers zich te verplaatsen via het water. Met behulp van een drijfpakket of een goed gecamoufleerd vlot nemen de infanteristen hun uitrusting met zich mee, terwijl ze zelf ook tot aan hun kin in het water verdwijnen. “Je staat de hele dag in het water; je wordt echt heel nat. Ik ben ook al een keer onbedoeld goed weggezakt in de bodem”, vertelt Jorne lachend.

Houd rekening met 6 liter water per dag

Niet voor te stellen

“De jungle vraagt veel van je. Soms kom je bijna alleen maar door de begroeiing heen door te knippen en heel langzaam te bewegen. Dat is ook wel iets dat de instructeurs steeds aanhalen. Wij zijn gewend om door te stappen en ons zo snel mogelijk te verplaatsen. Maar hier moet het zo rustig en tactisch mogelijk, omdat je alles hoort en daar moet je je heel bewust van zijn. Als je kijkt naar de operaties die de Colombianen deden, dan legden ze soms maar 15 kilometer in 15 dagen af. Dus dan doe je over 1 kilometer 1 dag, ongeveer. Dat kunnen wij ons bijna niet voorstellen.”

MARN 1 ALG Jorne (links) en KPLMARNALG Rients.

Onder water

Dat de jungle en de bijbehorende rivieren verraderlijk zijn, hoef je korporaal van de mariniers Rients van het Bootpeloton niet uit te leggen. Zijn taak? Het veilig afzetten van de infanteristen en vanaf de Piranha’s vuur uitbrengen, mocht dat nodig zijn. “Je moet er zeker van zijn dat er een stabiele ondergrond is daar waar je de collega’s uit laat stijgen. Maar dat kun je niet altijd garanderen. Zo stapte er eentje uit en die zette zijn voet net wat meer naar links neer dan zijn voorganger en die verdween gewoon onder water met MAG en al.”

Maar niet alleen het veilig aan wal zetten van zijn collega-mariniers is een uitdaging voor Rients en de anderen van het Bootpeloton. De weg ernaartoe is ‘hobbelig’. “Je hebt met meer stroming te maken. Dat maakt het varen lastiger. Vorig jaar trainden we met jet-aangedreven boten. Een jet zuigt water op en die spuugt dat weer uit, zo stuwt hij zichzelf voort. Er ligt echter heel veel troep in de rivier. Als je dat opzuigt en daardoor je voortstuwing kwijtraakt, ben je een doelwit op zich. Vandaar dat de Colombianen werken met schroef-aangedreven vaartuigen en wij dit jaar ook.”

Een van de dingen die de Nederlandse mariniers leren van hun Colombiaanse collega’s is het maken van drijfpakketten.

Door middel van vliegensvlugge Piranha’s verplaatsen de mariniers zich over het open water.

We moeten overal ter wereld inzetbaar zijn

Alle omstandigheden te trainen

Voor Rients is het de tweede keer dat hij de Colombiaanse jungletraining volgt. Hij ziet dat het niveau van lesgeven dit jaar duidelijk hoger ligt. De korporaal hoopt dan ook dat er in 2027, als er waarschijnlijk een derde Estribo volgt, weer stappen worden gezet. “Deze zomer krijgen we er allemaal nieuwe mariniers bij, dus voor hen is een vervolg zeker niet verkeerd. Ik denk dat het sowieso goed is om van alle omstandigheden te proeven. Qua Patet Orbis, zo wijd de wereld strekt; we moeten overal ter wereld inzetbaar zijn. De ene keer vaar je door de Arctic en is het min 30 en bevriest alles. Hier moet je er rekening mee houden dat je misschien wel 6 liter water per persoon per dag drinkt, omdat je maar 1 stap hoeft te zetten en al leegloopt. Maar alle omstandigheden zijn te trainen.”

Bekijk hieronder de video voor nog meer sfeerbeelden van Estribo 2026:

 

Bekijk hieronder de video voor nog meer sfeerbeelden van Estribo 2026:

Kennis en ervaring delen

Majoor Luis Alarcon, ondercommandant van het Centro Internacional de Excelencia Avanzada Fluvial, is maar wat blij dat de Nederlandse mariniers voor het tweede jaar op rij naar zijn thuisland zijn gekomen. Hij vindt dat de Colombianen genoeg te bieden hebben tijdens Estribo 2. “Wij hebben tientallen jaren gevechtservaring; in de jungle, maar ook tijdens rivieroperaties. Tijdens deze oefening kunnen we de Nederlanders onder meer leren hoe ze zich moeten verplaatsen in een omgeving als deze en hoe ze hinderlagen opzetten voor de vijand.”

Ook op medisch gebied kunnen de Zuid-Amerikanen hun kennis goed delen, onder andere op het gebied van tropische ziektes. Qua techniek lopen de Nederlanders toch wel duidelijk voor op de Colombianen, ziet de ondercommandant. “Zij hebben veel hightech-uitrusting en apparatuur. Als we die samenvoegen met onze kennis, dan draaien we samen een hele goede oefening.”

Ook de tweede editie van Estribo was een succes. Of er een Estribo 2027 komt? Het zou zo maar eens kunnen…

Alle Hens

Editie 05 2026