Sla over en ga naar de inhoud

Niet hetzelfde pad, wel dezelfde kant op

Column

Auteur

Adjudant ODND René Heeringa

Functie

Chef d’Equipage Commando Zeestrijdkrachten

Mijn afgelopen columns stonden vooral in het teken van wat ons dagelijks bezighoudt: personeelstekorten, materiële uitdagingen en de extra inzet die deze omstandigheden van ons allemaal vragen. Dat zijn reële zorgen, die ook niet zomaar verdwijnen. Maar juist daarom is het goed om af en toe bewust stil te staan bij waar wel voortgang in zit. En dat is meer dan we soms zelf zien.

Er komen nieuwe collega’s binnen. Veel nieuwe collega’s. Via vertrouwde, traditionele routes, maar ook via nieuwe, soms onconventionele instroompaden. Maatwerktrajecten, versneld opleiden, instroom op latere leeftijd, zij-instromers, mensen met civiele werkervaring. Allemaal gericht op één doel: sneller opschalen en gereed zijn voor de toekomst.

Die brede, versnelde aanpak vraagt durf van de organisatie. Maar vooral ook durf van de mensen die de stap zetten. Want laten we helder zijn: deze mannen en vrouwen kiezen niet specifiek voor een ‘bijzonder’ traject. Ze kiezen voor de marine. Voor ons vak. Voor het dienen van Nederland. Het traject is het middel, niet het doel.

Toch merk ik soms dat het schuurt en dat nieuwe collega’s met scepsis worden ontvangen. ‘Zal wel weer zo’n experiment zijn’ of: ‘Vroeger deden we dat anders’. Voordat je het weet krijgt een nieuwkomer niet de begeleiding, aandacht of het vertrouwen dat hij of zij wél verdient. Niet altijd uit onwil, veel vaker zelfs uit onwetendheid of onzekerheid. Ik zie dit als een gemiste kans. Voor die nieuwe collega, maar ook voor onszelf.

We kunnen niet blijven doen wat we altijd deden en hopen op een andere uitkomst

Want maatwerkoplossingen zijn geen luxe; ze zijn noodzakelijk. Als we serieus werk willen maken van gereedheid voor het gevecht van de toekomst, dan kunnen we niet blijven doen wat we altijd deden en hopen op een andere uitkomst. Deze tijd vraagt om de durf om los te laten, het vertrouwen om ruimte te geven en het vakmanschap om mensen goed op te leiden en te begeleiden. Ongeacht via welke route ze zijn binnengekomen.

Dit is overigens niet alleen van toepassing op de nieuwe aanwas, maar geldt ook voor collega’s die via een bijzonder traject doorgroeien. Ook zij verdienen aanmoediging in plaats van kritiek. Hoewel dat laatste soms best verklaarbaar is. Verandering kan onzekerheid en zorg met zich meebrengen. Halen we zo wel de juiste mensen binnen en wat betekent dit alles voor mijn eigen positie? Vragen en zorgen zijn begrijpelijk én bespreekbaar. We leggen graag uit welke aanpassingen er gedaan zijn en welk positief effect we ervan verwachten.

Niet iedereen bewandelt nu eenmaal hetzelfde pad, maar we lopen wel dezelfde kant op. Ik zou graag zien dat we ons dat beter realiseren. Dat we nieuwsgierig zijn, in plaats van wantrouwend, en elkaar hier scherper op durven aanspreken. Want verbondenheid zit niet zozeer in onze uniformiteit, maar vooral in het besef dat we elkaar nodig hebben.

De marine van morgen bouwen we vandaag. Met de collega’s die er al langer zijn én met de collega’s die net binnenkomen. Laten we de nieuwkomers verwelkomen, zoals wij zelf ooit ontvangen wilden worden. Met durf, met vertrouwen en met het vakmanschap waar we trots op zijn.

Alle Hens

Editie 01 | 2026