kapitein Nico Schinkelshoek
sergeant-majoors Aaron Zwaal
NASOC: Met minder coördinatie meer effect en air- spacepower
Het Commando Lucht- en Ruimtestrijdkrachten (CLRS) bepaalt weer zelf hoe het operaties invult. Na zo’n 25 jaar tactische aansturing vanuit Den Haag is dat soms even wennen, maar commodore Jeroen ‘Buc’ van Bruchem is blij met de ontwikkeling. “Als we willen winnen, moet er zoveel mogelijk beslis-, handelingsruimte en initiatief op de werkvloer liggen”, aldus het hoofd van het National Air & Space Operations Center (NASOC).
Jeroen ‘Buc’ van Bruchem werd vanwege de toegenomen verantwoordelijkheden van het NASOC onlangs bevorderd van kolonel naar commodore. ‘Met de nieuwe bevelsverhoudingen is het soms ook aftasten waar de speelruimte ligt.’
Met de oprichting van het Netherlands Joint Force Command (NLD JFC) eind vorig jaar verandert ook de werkwijze van het NASOC. Het nieuwe hoofdkwartier in Den Haag stuurt de inzet (en een deel van de gereedstelling) van de Nederlandse krijgsmacht op operationeel niveau aan. De focus ligt daarbij op het grote, multidomein-plaatje en de langere termijn. Tegelijkertijd betekent de komst van dit NLD JFC dat de regie over lucht- en ruimteoperaties in Breda komt te liggen. “Alle krijgsmachtdelen, waaronder het CLRS, moeten weer missies kunnen voorbereiden, aansturen en monitoren”, verduidelijkt de commodore.
Inzet van schaarse middelen
Namens Commandant Luchtstrijdkrachten luitenant-generaal André Steur coördineert het NASOC wáár en hóé de schaarse middelen het best ingezet kunnen worden. De honderdvijftig luchtmachters die bij het luchtmachtoperatiecentrum werken, houden zich onder meer bezig met commandovoering, cyber, inlichtingen en elektronische oorlogvoering.
Alles gebeurt in nauw overleg met de vier commands: het Air Combat Command, Air Mobility Command, Air Support Command en Defensie Helikopter Commando. Bovendien zijn er korte lijntjes met het Defence Space Security Centre.
Bij de inzet van de F-35’s in Polen, afgelopen zomer, besliste het NASOC zelf over het inbrengen van meer vliegtuigen en munitie. Foto” sergeant-majoor Cristian Schrik
Turbulente wereld vraagt om andere werkwijze
Meer speelruimte
Voorheen werd voor elk detail verplicht contact opgenomen met de Haagse tekentafel. Tot de in- en uitrotatie van individuen aan toe. Dit tot ongenoegen van het Hoofd NASOC, die vond dat het ‘hogere dek’ een deel van het mandaat, inclusief tactische uitvoering en integratie, los moest laten. Met de komst van het NLD JFC gebeurt dat nu. Daarmee neemt de verantwoordelijkheid voor de luchtmacht toe. “Neem de operatie met MQ-9 Reapers in Roemenië. Hier zijn we als luchtmacht zelf weer verantwoordelijk voor de rotatie van personeel, de instandhouding en de tasking”, legt hij uit.
Een ander voorbeeld is de inzet van F-35’s afgelopen september in Polen. Precies rond de oprichting van het NLD JFC schieten Nederlandse vliegers hier Russische drones uit de lucht. Dit heeft ook gevolgen voor de voorraden. “We hebben op eigen initiatief meer munitie en vliegtuigen ingebracht”, blikt de commandant terug. Overigens betekent de verandering niet dat het NASOC zijn ‘goddelijke gang’ kan gaan, aldus Van Bruchem. “In zo'n operatie moet je altijd goed samen blijven werken. Maar,” zo benadrukt hij ook: “met alle turbulentie in de wereld kun je niet meer tot in details operaties aansturen vanuit Den Haag, vanuit één club.”
De MQ-9 Reapers worden langs de oostgrens van het NAVO-verdragsgebied ingezet voor dataverzameling. Het vliegen van de onbemande en onbewapende vliegtuigen en de dataverwerking gebeurt vanuit Leeuwarden. Foto: sergeant-majoor Barend Westerveld
Commodore Van Bruchem: ‘Iedereen op een soortgelijke positie als ik, die zegt het hele plaatje te overzien, liegt een beetje. Elke dag verandert er namelijk wel iets.’
Minder sturen
“Ik ben ervan overtuigd dat je bij commandovoering zoveel mogelijk ruimte over moet laten aan de uitvoerders, de lagere niveaus”, vervolgt de commodore. “In dit geval het CLRS, maar dus ook de commands. Dat betekent dat je minder hoeft te sturen, er minder coördinatie nodig is en dat leiders zelfstandiger zijn en durf tonen. Daarmee krijg je meer effect en meer airpower.”
Omdat het NASOC zich richt op het nu en de invulling van de huidige operaties, heeft het operationeel niveau in de hofstad juist meer tijd om na te denken over de dag van morgen. “Dat hebben wij ook nodig, want alles in deze wereld hangt met elkaar samen. Zij kijken naar de samenhang tussen verschillende situaties, wij naar hoe we slim air- en spacepower inzetten in het multidomein-optreden.”
‘We voelen meer handelingsruimte’
Evacuaties Midden-Oosten
Dat wil overigens niet zeggen dat de luchtmacht niet zelf vooruitkijkt. Neem de recente evacuatievluchten uit het Midden-Oosten. Al op voorhand laat het NASOC de vloot met C-130’s klaarzetten voor actie, zonder dat die opdracht er concreet vanuit het operationeel hoofdkwartier in Den Haag ligt. Voorheen een ondenkbaar besluit. Uiteindelijk gaat een A330 Multi Role Tanker Transport (MRTT) die kant uit. “We voelen die handelingsruimte”, verklaart de commandant. “Voor het ophalen van mensen wachten we vervolgens uiteraard wél op een officiële opdracht.”
Samen met de vier commands werkt het NASOC ook de ‘voorstelbare operatielijnen’ op voorhand uit. Deze zijn dagelijks onderwerp van gesprek. Het gaat daarbij bijvoorbeeld over ‘het dichthouden van de achtertuin’ van de NAVO tijdens een oorlog aan het oostfront, maar ook over een luchtmachtbijdrage tijdens een eventuele wapenstilstand in Oekraïne.
De A330 MRTT werd in 2024 eveneens ingezet voor de repatriëring van Nederlanders. In dit geval uit Beiroet, Libanon. Foto: sergeant-majoor Jan Dijkstra
‘Mission Command onderscheidend voor Westers militair vermogen’
Militair vermogen
“Door zoveel mogelijk ruimte bij onze collega’s te laten, maken we een goede kans om het gevecht vanavond al te winnen”, besluit Van Bruchem, verwijzend naar het motto van de luchtmacht. “Ik blijf ervan overtuigd dat dat de crux is. Mission Command – de leiding bepaalt het ‘wat’ en ‘waarom’, het team gaat over het ‘hoe’ – is niet zomaar iets. Dat onderscheidt ons Westers militair vermogen van andere partijen in de wereld.”
Het NASOC-hoofdkwartier is nagenoeg verlaten. Onder meer de 24/7 bemande desk ondergaat namelijk een metamorfose.
Grootse verbouwing
Op het Bredase hoofdkwartier hangen in het bijgebouw ‘de Cockpit’ de draden momenteel uit het plafond. Het pand waarin het NASOC huisvest, gaat namelijk flink op de schop. Zo worden onder meer glasvezelverbindingen aangelegd, zodat de systemen soepel kunnen blijven draaien. Ook krijgt de huisvesting een upgrade. In de tussentijd werkt het personeel tijdelijk vanuit het Air Operations Control Station Nieuw Milligen.
“We leunen daar op de gastvrijheid van het Air Combat Command”, zegt Van Bruchem. Bijkomend voordeel van de verbouwing is volgens de commodore dat daarmee de flexibiliteit van het operatiecentrum getest kan worden. “Dit leert ons wat er nodig is als je de primaire locatie niet kunt gebruiken: een waarschijnlijke situatie in een Hoofdtaak 1-scenario (het verdedigen van het eigen grondgebied en dat van bondgenoten, red.).”