Arno Marchand
Leonie Voets
Commandant AMC Daan Boissevain
In een tijd waarin veel militaire veranderingen plaatsvinden, staat uiteraard ook het CLRS bol van ontwikkelingen. Daarom kijken we in iedere uitgave van de Vliegende Hollander hoe het ‘ergens’ in de organisatie gaat. Even oplijnen dus, deze keer met kolonel Daan Boissevain, Commandant Air Mobility Command (AMC) op Vliegbasis Eindhoven.
‘Weinig militairen die Eindhoven niet in hun loopbaan tegengekomen’
“Als AMC moeten we klaar zijn voor wat we niet kunnen plannen. Dat klinkt abstract, maar opdrachten komen bij ons soms haast letterlijk uit de lucht vallen. Zoals bij de start van de Rusland-Oekraïne-oorlog of bij natuurrampen. Dan hebben we echt maar heel weinig tijd nodig om in beweging te komen. Het AMC kent daarvoor twee soorten operaties: op de grond en in de lucht. Dat laatste is het meest in het oog springend: het vliegen met eigen tactisch- en VIP-luchttransport. Maar ook het openstellen van het vliegveld voor militaire en civiele partners hoort daarbij, ons gastheerschap.
Minder zichtbaar, maar minstens zo belangrijk is ons werk op de grond. Daar zorgt 940 Squadron voor de belading of ontlading van vliegtuigen met vracht of met passagiers. Voor heel veel Nederlandse militairen is Eindhoven de plek van aankomst of vertrek naar of van een opdracht. Er zijn weinig militairen die Eindhoven niet in hun loopbaan zijn tegengekomen.
‘Er bestaat geen standje waakvlam’
Al deze operaties stáán: dat is de verdienste van mijn voorgangers. Het is echt een geoliede machine. Daarnaast ben ik blij hoe we in contact staan met onze buren en lokale bestuurders. We zijn nu eenmaal een druk vliegveld dat tegen een grote stad aan ligt. Daarom blijven we in gesprek, samen met Eindhoven Airport, over wat we doen, hoe en waarom.
Ondertussen zijn we druk met de introductie van een nieuw wapensysteem: de C-390, als vervanger van de C-130. Daarvan stroomt de eerste over ongeveer een jaar in. Dat vraagt flinke inzet van de squadrons die erbij betrokken zijn. Voorbereiden op dit nieuwe systeem en de groei die daarbij hoort, maar oud nog in de benen houden en goed laten uitfaseren. Er bestaat dus geen standje waakvlam.
‘Leiderschap komt onder druk te staan’
Natuurlijk richt het AMC zich ook op Hoofdtaak 1-inzet. Áls het zover komt, dan heeft Eindhoven een heel grote NAVO-taak: veel vracht en passagierstransport en veel meer vliegactiviteiten. Personeel is daarin een cruciale factor. Ik ben er trots op dat we vooroplopen met de inzet van Dienjaarders. Er was wat koudwatervrees, maar het AMC heeft het concept volledig omarmd en er werken er nu al veertig personen in allerlei disciplines.
Ook zijn er bij ons punten van aandacht. Om snel te kunnen reageren is goede infrastructuur nodig. De huidige inrichting van de basis is niet berekend op 1.300 man en vrouw die er nu werken. Dat is zowel van het AMC als de drie buitenlandse eenheden die hier hun plek hebben.
Leiderschap is een andere zorg. Zéker bij een – zeer – snel groeiende organisatie kan niet iedereen de ervaring opdoen die nodig is om een volgende stap in zijn of haar loopbaan te zetten. Komen ze toch op een volgende plek terecht, dan komt leiderschap onder druk te staan. We zijn echt nog aan het leren om te groeien. Daarom veranderen we alleen waar het nodig is, en bewaren we rust en stabiliteit waar het kan.
'De baan gaat dicht, maar het AMC blijft gewoon open'
Tot slot. Het AMC en Vliegbasis Eindhoven zijn vaak cruciaal voor de operaties van andere krijgsmachtdelen en luchtmachtonderdelen. En dat is goed. Die inzet kost ons wat en het levert ons wat op. De luchtmacht zijn we met elkaar. Dat blijft ook zo als de baanrenovatie komend jaar februari begint. De baan gaat dan weliswaar dicht, maar het AMC blijft gewoon open.”