kapitein Arjen de Boer
sergeant-majoor Sjoerd Hilckmann
Op bezoek bij de Air & Missile Defence Taskforce in Polen
Nederlandse luchtverdedigers bewaken sinds begin december in Polen een logistiek knooppunt dat belangrijk is voor de militaire hulp aan Oekraïne. Hoe gaat het daar? Wat maken ze mee?
Nederland was in rep en roer. Want enkele dagen sneeuw. Veel sneeuw. De Nederlandse militairen van de Air & Missile Defence Taskforce (AMDTF) konden het in zuidoost Polen allemaal via een beveiligde VPN-verbinding lezen. “Nou”, zullen sommigen hebben gedacht, “kom dan eens hier kijken”. Vanaf de kerst elke dag sneeuw en snijdende wind. Soms loop je naar een andere werkcontainer en zak je kniediep weg. Met een gevoelstemperatuur tot -20.
Tijdens het winterse weer is het belangrijk om apparatuur zoals aggregaten draaiende te houden. Anders zijn de wapensystemen niet goed inzetbaar.
Uitdagend voor mens en machine
Belangrijke taak
Deze omstandigheden zijn niet alleen uitdagend voor mensen. Ook de wapensystemen en ondersteunende apparatuur van de luchtverdedigingseenheid vragen de nodige aandacht. Bij zulke lage temperaturen piept en kraakt het meer dan thuis. Dus is er onderhoudstechnisch wat extra liefde nodig om bijvoorbeeld een oudere dieselgenerator goed te laten draaien.
Niet onbelangrijk, want de AMDTF heeft in zuidoost Polen een grote taak. Sinds begin december beveiligt de taskforce een logistiek knooppunt dat belangrijk is voor de Westerse hulp aan Oekraïne. Dit gebeurt onder de vlag van NSATU, de NATO Security Assistance and Training for Ukraine.
Commandant luitenant-kolonel Wesley Dijkshoorn geeft leiding aan zo’n 230 Nederlandse militairen van de Air & Missile Defence Taskforce.
Onder de indruk
Toen commandant luitenant-kolonel Wesley Dijkshoorn net aankwam was er iets dat direct indruk maakte. Iets dat meteen de link benadrukte met de oorlog zo over de grens. “We zien elke dag meerdere vluchten landen met militair materieel dat wordt gedoneerd aan Oekraïne. We zien ook regelmatig vliegtuigen waar gewonde Oekraïners mee worden afgevoerd. Langs de wegen hier staan lange colonnes vrachtwagens, allemaal met militair materieel en munitie. Als je dat elke dag ziet is dat zeer indrukwekkend. Dan zie je wat we beschermen.”
De luchtverdedigingslagen van de AMDTF zijn te vergelijken met de schillen van een ui. Van dronedetectie op korte afstand tot het uitschakelen van ballistische raketten op lange afstand en grote hoogte.
Gelaagde luchtverdediging
Het mag duidelijk zijn dat zo’n logistiek knooppunt een interessant doelwit is voor Rusland. Daarom staan er tot en met juni meerdere Patriot-lanceerinstallaties en NASAMS-radars richting de grijze, mistige winterlucht gericht.
Maar dat niet alleen. Er zijn ook speciaal gebouwde stellages van steigerpijp met daarop apparatuur om kleine drones te onderkennen, te classificeren en uit te schakelen. Niet met kogels of granaten, maar door de besturing over te nemen of de verbindingen met de bestuurder te verstoren. Alles bij elkaar spreken we dan van een gelaagde luchtverdediging.
De NASAMS-lanceerinstallaties zijn een belangrijk onderdeel van een gelaagde luchtverdediging.
Eerste keer
De taskforce is samengesteld uit eenheden van het Defensie Grondgebonden Luchtverdedigingscommando (DGLC). Het is de eerste keer dat deze eenheid zo geïntegreerd optreedt in het buitenland. “Met deze combinatie van middelen hebben we ook de NAVO-top in juni 2025 beschermd, maar dat was in Den Haag en omstreken”, zegt Dijkshoorn.
Voorheen deden andere NAVO-bondgenoten ‘slechts’ een deel van de luchtverdediging voor NSATU. Maar Nederland doet tot en met juni dit jaar dus het hele pakket.
In een mum van tijd moeten de militairen bepalen wat er vliegt
Momenteel zitten er zo’n 230 Nederlandse militairen om de logistieke hub te beveiligen. Alle spreekwoordelijke ogen kijken naar het oosten. In hun beschermde werkcontainers bekijken de luchtverdedigers de radarbeelden op zoek naar verdachte, vliegende objecten. Wat ze in hun ‘blikken’ precies zien, is strikt geheim. Maar het komt erop neer dat ze in een mum van tijd moeten bepalen wat er vliegt. Of het potentieel gevaarlijk is en of ze het moeten uitschakelen. Alles gaat in nauwe afstemming met de NAVO en het Poolse hoofdkwartier in Warschau.
De luchtverdedigers beschikken over verschillende radarsystemen waarmee ze een veelomvattend luchtbeeld krijgen.
Donkerrood
Tot dusver is er geen sprake geweest van wapeninzet. De eenheid is wel enkele malen gealarmeerd vanwege Russische objecten die mogelijk richting Polen vlogen. Maar deze bleken dan toch bestemd voor doelen in Oekraïne.
De luchtverdedigers zien via de radarbeelden het nodige geweld aan de ‘andere kant’. Voor een grof idee kan iedere geïnteresseerde de site alerts.in.ua checken, vertelt commandant Dijkshoorn. Hier is op een landkaart van Oekraïne te zien waar de luchtalarmen afgaan en wat de dreigingen zijn. Vaak is het oosten van het land donkerrood, maar ook het westen wordt regelmatig aangevallen door Rusland. Zelfs tot aan de stad Lviv, niet ver van de Poolse grens.
“Dan wordt goed duidelijk hoe belangrijk ons werk is”, zegt de luitenant-kolonel. “Ook al is het hier vrede, vlakbij is echt iets aan de hand. Dat merken ze in Polen ook als je kijkt naar sabotage , spionage en desinformatiecampagnes.”
Vanuit hun ‘werkblikken’ kunnen de militairen zien welk onheil de Russen richting Oekraïne sturen. Dat onderstreept nog maar eens het belang van hun missie, zeggen ze zelf.
Uniek moment
Vorige week kwam de dreiging wel erg dichtbij, relatief gezien. Toen waren er headlines vanwege een Russische Oreshnik-ballistische raket die een doel nabij de grens raakte. Dat wapen is door de Russen slechts één keer eerder ingezet.
“Dan komt er een bericht van hogerhand: ‘er komt iets aan, we weten niet wat het is, maar het gaat wel ontzettend hard jullie kant op’”, blikt Dijkshoorn terug. “Uit alle data blijkt dat het geen ‘vriendje’ is. Dan moet de knop om, want we moeten kunnen handelen. Toen is alles en iedereen volgens de procedures in stelling gebracht om er klaar voor zijn.”
‘Er komt iets aan, we weten niet wat het is, maar het gaat wel ontzettend hard jullie kant op’
Maar de Oreshnik was dus gericht op een Oekraïens doelwit. Niettemin stond de AMDTF op scherp. “Dan kicken de skills & drills in en weet iedereen wat ze moeten doen. Daar spreken we achteraf dan wel over. De collega’s die dienst hadden, vonden het wel even spannend. Maar daarna is het over tot de orde van de dag.”
De collega’s werken in shifts om de luchtverdediging 24-7 draaiende te houden. Wie de radarbeelden bekijkt, moet goed zijn of haar focus vasthouden.
Meer dan een cijfer
De commandant hamert er bij zijn mensen op om oog te houden voor wat daar, even verderop, dagelijks gebeurt. “Op een gegeven moment wordt het afstandelijk. Het is misschien moeilijk voor te stellen, maar soms wordt gezegd dat het een ‘rustige’ nacht is geweest omdat er minder dan honderd aanvalsdrones zijn ingezet.”
Zo’n kille statistiek is dan ineens een cijfer, meer niet. Maar er zit juist veel leed achter. “Ik vind het dan waardevol dat onze inlichtingenmensen openbare videobeelden aan de eenheid laten zien over de uitwerking van zo’n aanval. Wat het resultaat is van een Shahed-drone die in een flatgebouw is geklapt. Of van een ballistische raket die civiele kritieke infrastructuur buiten werking heeft gesteld.”
En eigenlijk is het elke nacht wel raak. De duisternis is het moment waarop de luchtdreiging het hoogst is voor de Oekraïners. “Door mijn mensen een beter beeld te geven van waarvoor wij hier staan, gaan ze weer scherp achter de knoppen zitten”, aldus Dijkshoorn. “Maar niet alleen zij. Ook de militairen die generatoren repareren of aftanken, verbindingssystemen werkend houden, of welke taak ze dan ook hebben. Iedereen moet goed beseffen waarom we hier zitten en wat we beschermen.”