Sla over en ga naar de inhoud
Een opstijgende F-35 op luchthaven Schiphol. Op de achtergrond zijn geparkeerde blauwe toestellen van KLM te zien. 

Gate F-35  

5 min

kapiteins Riemer Witteveen en Saminna van den Bulk 

Sergeant Gregory Fréni, sergeant-majoor Aaron Zwaal, Schiphol 

Luchtmacht traint op luchthaven Schiphol

Reizigers die dinsdag en woensdag uit hun vliegtuigraampje op luchthaven Schiphol tuurden,  konden naast de passagiersvliegtuigen zomaar een glimp opvangen van vier F-35 gevechtsvliegtuigen en een militair tank- en transportvliegtuig. Tijdens oefening Avatar beoefende de luchtmacht samen met Schiphol hoe militaire vluchten in te zetten tussen het reguliere vliegverkeer.  
  
“Als we de vijand te slim af willen zijn, moeten we onvoorspelbaar optreden”, vertelt detachementscommandant luitenant-kolonel-vlieger Pascal ‘Smiley’ Smaal. “Bijvoorbeeld als onze eigen luchtmachtbases niet meer te gebruiken zijn en we snel moeten opereren vanaf een andere locatie. Zo zijn we flexibel, minder kwetsbaar en houden we een gevecht langer vol.” 

Luitenant-kolonel-vlieger Pascal ‘Smiley’ Smaal in de F-35.

Alle reden om dit eens te oefenen vanaf Schiphol. Twee dagen vlogen vier gevechtsvliegtuigen hun missies vanaf de civiele luchthaven. De toestellen voerden trainingsmissies uit boven de Noordzee en de Waddenzee, waar ze werden bijgetankt door een Airbus A330 MRTT, het tank- en transportvliegtuig van de luchtmacht. Terug op Schiphol werden de toestellen weer afgetopt, voorzien van oefenbewapening en gereed gemaakt voor de volgende vlucht. 

Defensie werkt tijdens Avatar nauw samen met Schiphol, maar ook met onder meer het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, Luchtverkeersleiding Nederland, de gemeente Haarlemmermeer en de Koninklijke Marechaussee. 

Agile Combat Employment 

De luchtmacht geeft met de oefening invulling aan het ACE-concept van de NAVO. Deze ‘Agile Combat Employment’ schrijft voor dat militaire luchtmachten zo flexibel mogelijk moeten kunnen optreden in gevechtsacties. Dat heeft niet enkel te maken met de locatie, maar ook met de manier van optreden. Na alarmering moeten de luchtmachters in korte tijd inzetgereed zijn met een kleine club mensen.  

Op platform Uniform op Schiphol zijn dan ook geen containers te zien of grote voorraden, maar snel en makkelijk te vervoeren pakketten die makkelijk van A naar B vervoerd kunnen worden. Lean and mean, was het devies van 322 squadron tijdens deze training. Alleen het noodzakelijke gaat mee. Smaal: “Het is de eerste keer dat we dit concept in het echt beproeven.”

Vraagstukken voor het vliegen 

Vliegtechnisch is de opdracht goed uitvoerbaar. De moeilijkheid zit hem vooral in de locatie. Met ruim duizend starts en landingen op een dag is het knetterdruk op Schiphol. Al in 2024 begonnen daarom de voorbereidingen voor de oefening, weet generaal-majoor Robert Adang. Hij is de plaatsvervangend commandant van het Commando Lucht- en Ruimtestrijdkrachten (CLRS).  

‘Militair vliegen vanaf een civiele luchthaven is een complex proces’ 

“Militair vliegen vanaf een civiele luchthaven is een complex proces. Hoe gaan we om met de beveiliging? Hoe bewegen we ons naar ons platform, tussen de taxiënde toestellen? Ook de bewapening is iets waar je over na moet denken.” 

“Hoe gaan we om met de beveiliging? Hoe bewegen we ons naar ons platform, tussen de taxiënde toestellen? Ook de bewapening is iets waar je over na moet denken.”

In geval van crisis wil je dat de luchtmacht als een geoliede machine opereert. “Dit is een eerste stap in het creëren van een draaiboek”, legt Adang uit. “Zodat we op elkaar ingespeeld zijn en effectief met elkaar optreden in oorlogstijd. Defensie zet zich in om Nederland te beschermen, maar als het erop aankomt, hebben we onze civiele partners keihard nodig.” 

Dinsdag kon er volop gevlogen worden. Woensdag (de tweede dag van de oefening) gooide de mist roet in het eten. Mede door slecht zicht bleven de F-35’s 's ochtends aan de grond.

Weerbaarheid 

Die samenwerking werpt zijn vruchten af. Tussen de piekmomenten stijgen en landen de toestellen op de luchthaven, waar de normale bedrijfsvoering ‘gewoon’ doorgaat. Belangrijk, benadrukt Chief Operations Officer van Schiphol, Patricia Vitalis, want: “Onze luchthaven heeft een belangrijke rol in de weerbaarheid van ons land. In een geval van escalatie willen wij Defensie ondersteunen en faciliteren. Tegelijkertijd is het voor ons zaak dat hier de winkel blijft draaien om Nederland bereikbaar te houden.”  

 “Defensie zet zich in om Nederland te beschermen, maar als het erop aankomt, hebben we onze civiele partners keihard nodig.”

Avatar is dan ook pionieren in een civiel-militaire samenwerking. “Kijk, we hebben allemaal onze eigen procedures en werkwijzen. Maar één ding hebben we gemeen: een sterk oplossend vermogen. We leren ontzettend veel”, merkt Vitalis op. Na de training is er alle ruimte voor evaluatie. Dan volgt ook het aanscherpen van het draaiboek. “Misschien dat we in de toekomst vaker een dergelijke oefening organiseren samen. Zodat we er samen klaar voor zijn, als de situatie daarom vraagt.”  

Iets anders dan normaal 

In een geïmproviseerde kantine zitten de vier F-35-vliegers na afloop van de oefening rustig aan een bak koffie. Ook voor hen is deze oefening anders dan normaal. Wie mocht er als eerste landen? “Ik”, lacht Banzai (callsign, red.). “Maar ja, ik heb dan ook het schema gemaakt.”  

De drie andere vliegers lachen met hem mee. Spannend is het landen op Schiphol echter niet, zegt Bender (callsign, red.). “Je kent Schiphol natuurlijk van de vakantievluchten, verder is het niet anders om hier te landen. We hadden wat minder ruimte om de kisten neer te zetten, dat was het wel.”

Defensiekrant

Editie 03 | 2026