Sla over en ga naar de inhoud
Een aangelijnde diensthond van de KMar snuffelt aan een van de vele trailers.

Zweedse versterking voor K9

Coen Heil 

sergeant Sjoerd Hilckman

Jonge herders opgeleid tot speurhond menselijke geur

Ze landden in alle stilte op Schiphol. Jonge Duitse herders, afkomstig uit een Zweeds fokprogramma. Geen kant-en-klare diensthonden, maar getalenteerde viervoeters in ontwikkeling. Sinds een half jaar werkt K9 van de Koninklijke Marechaussee samen met Zweden. Met als doel sterke speurhonden voor menselijke geur klaarstomen voor werkzaamheden alhier. Een pilot met ambitie en met vier poten stevig in de praktijk. Dat blijkt op een druilerige dinsdagochtend tijdens een oefening in de gemeente West Betuwe.

De honden groeien hun eerste jaar in Zweden op in een gezin. Ze krijgen opdrachten, worden geobserveerd en sociaal gevormd. “Daarna gaan ze naar een testlocatie,” vertelt opperwachtmeester, trainer en instructeur bij K9 Migratie Niels. “Daar wordt gekeken: waar is deze hond geschikt voor? Om dat te bepalen, hanteren ze veel testen.” De honden zijn jong – tussen één en twee jaar – en nog nooit operationeel ingezet. Nederland krijgt dus geen afgekeurde dieren, maar onbeschreven bladen.

Via collega’s van het Defensie Expertise Centrum-Diensthonden (DEC-D) worden jonge honden in Zweden getest en beoordeeld. Zodra een hond geschikt is voor speur- of bijtwerk, komt Nederland in beeld. “Wij zijn vooral geïnteresseerd in het speuren naar menselijke geur”, merkt Niels op. “Blijken de honden geschikt, dan komen ze deze kant op en gaan wij ermee aan de slag.”

Zoals eerder aangegeven, beoordelen collega’s van Defensie of een hond bekwaam genoeg is voor Nederland. Niettemin maakt de Marechaussee binnenkort zelf de oversteek naar Scandinavië om een beeld te krijgen van het selectiebeleid van de honden. “Daarnaast gaan wij graag in gesprek over de specifieke eigenschappen die wij zoeken”, vertelt Niels. ”Vooral omdat onze honden moeten opereren in het publieke domein.” De ambitie is helder: meer invloed aan de voorkant. De samenwerking is pril, maar een bezoek aan Zweden staat op de planning.

Bij Migratie zijn nu drie Zweedse Duitse herders in opleiding: Trago verblijft bij wachtmeester-1 Gerben, Agera bij wachtmeester-1 Robert en Akt bij opperwachtmeester Niels. Bovendien draait bij Explosievenopsporing ook een herder mee uit Zweden. Maar waarom specifiek Duitse herders? “Het hadden ook Mechelse herders kunnen zijn”, antwoordt Niels. “Dit is gewoon de lijn die de mensen daar hebben uitgezet. Ik had zelf privé ook een Duitse herder en vind ze beheerst en sociaal. Maar uiteindelijk moet het werk het straks allemaal uitwijzen.”

Het speurwerk van de hond start niet in trailers of boten, maar met een spel. “Je moet eerst een beloning in het verschiet hebben waarvoor de hond wil werken,” legt Niels uit. Bij het Nationaal Historisch Museum in Soesterberg, waar demonstraties van de inzet van diensthonden plaatsvinden, verdwijnen bijvoorbeeld Kongs in plastic bakken. Een Kong is een populair, hol hondenspeeltje van veerkrachtig rubber waar voer of snacks in kunnen. Zo leert de hond zelfstandig te zoeken. Vindt hij de prooi, dan volgt een beloning. “Stap voor stap combineren we dat met menselijke geur. Van boxen naar trailers. Het is een lang traject. Je pakt niet zomaar een hond uit het hok en zet hem operationeel in.”

Speuren naar menselijke geur vraagt veel variatie en flexibiliteit. “Ik ben afhankelijk van collega’s die zich willen laten wegzetten,” licht Niels toe. “Je wilt zoveel mogelijk vreemde geuren trainen. Anders zoekt een hond steun bij bekende personen en hun geur.” Het proces vergt het nodige teamwork. Momenteel zijn Gerben en Robert de geleiders in opleiding. “We vormen echt een team”, steekt de onderofficier de loftrompet over het duo. “En we evalueren bijna iedere training. Zie ik iets niet, dan zien zij het wel.”

In het korte tijdsbestek heeft nog geen enkele Duitse herder uit Zweden het Nederlandse examen afgerond. Agera is het verst en zit nu bijna vier maanden in opleiding. “Het is echt een pilot,” benadrukt Niels. “We zijn positief en gaan een heel eind komen.” Het examen bestaat uit meerdere zoekingen, een behendigheidsbaan en het onderdeel onder appèl staan. Pas als hond én geleider er klaar voor zijn, volgt hun inzet. Een datum eraan hangen is volgens Niels niet verstandig en planbaar. “Hoewel we natuurlijk wel een kleine stok achter de deur houden, moet een hond het wel al aankunnen.”

 

De winst van de samenwerking lijkt continuïteit in aanvoer én sociaal gevormde jonge honden. “Ze komen uit een gezin, zijn medisch gekeurd. Dat geeft vertrouwen”, klinkt Niels positief. Of het slaagt? “Met vallen en opstaan komen we er wel. En als straks de eerste combinatie het examen haalt en inzetbaar is, is deze samenwerking al meer dan de moeite waard.”

KMarMagazine

Editie 02 | 2026