Coen Heil
John van Helvert
VADM Boudewijn Boots neemt afscheid als IGK
Voor Inspecteur-Generaal der Krijgsmacht (IGK) vice-admiraal Boudewijn Boots voelt zijn laatste werkbezoek aan de Onderzeedienst als thuiskomen. Op de Waalhaven in Den Helder spreekt hij op laagdrempelige wijze met onder andere commandanten, bemanningsleden van Zr.Ms (externe link, opent in een nieuw venster of tabblad) . Dolfijn en Zr.Ms (externe link, opent in een nieuw venster of tabblad) . Bruinvis. De aimabele topmilitair en ombudsman biedt iedereen een luisterend oor. Nu het nog kan, want per 1 juli gaat hij met leeftijdsontslag en komt er een einde aan 40 jaar vol avontuur, verantwoordelijkheid en betekenis.
U belandde ooit als dienstplichtige bij Defensie. Had u toen al deze carrière voor ogen?
“Volstrekt niet. Ik koos aanvankelijk voor de marine, omdat ik varen leuk vond. Het avontuur, weg-zijn en werken in een team. Pas later ging ik inzien dat wat wij doen ook echt van belang is. Na Operatie Octopus – een vredesmissie in de Perzische Golf – aan boord van een mijnenjager, eind jaren 80, werd het besef steeds groter dat we bijdragen aan iets wat ertoe doet.”
VADM Boudewijn Boots blikt terug op een imposante loopbaan
‘De marine is een stukje van mezelf geworden’
Hoe kijkt u terug op uw tijd bij de marine?
“De marine is een stukje van mezelf geworden. Als ik hier rondloop, kom ik toch een beetje thuis. Ik heb veel verschillende functies gehad en aan veel ontwikkelingen mogen bijdragen. Dat maakt dat deze organisatie echt onderdeel is geworden van mijn leven.”
‘Voor mij zit de waarde in de opdracht, de sfeer aan boord en de kameraadschap’
Wat waren voor u de mooiste momenten?
“Dat hangt ervan af vanuit welke rol je het bekijkt. Als marineman waren dat de missies op zee; zoals voor de kust van het voormalig Joegoslavië, en in het kader van anti-piraterij, counter drugs en counter terrorism. Als meer ervaren militair waren het de bestuurlijke functies van Directeur Operaties en plaatsvervangend Commandant der Strijdkrachten, omdat je dan wat meer invloed hebt op de run & change van Defensie. Als mens ten slotte waren het juist de jaren met mijn gezin in Engeland, waar ik schepen trainde. Balans tussen wat je meemaakt tijdens het werk en samen beleeft met het thuisfront, dat is waar we naar streven binnen Defensie.”
VADM Boudewijn Boots bood als IGK een luisterend oor aan iedereen.
En de mooiste reis?
“Gek genoeg niet de inzet die op papier het indrukwekkendst klinkt. Een wereldreis met de marine lijkt fantastisch, maar ik ben meer van dingen doen dan van mijlen maken. Een oefening in de Noorse fjorden met een mijnenjager vond ik veel leuker. Of de inzet in de Adriatische Zee tijdens de boycot gericht tegen strijdende partijen in het voormalig Joegoslavië. Voor mij zit de waarde niet in de bestemming, maar in de opdracht, de sfeer aan boord en de kameraadschap.”
Als marineman genoot Boots van de missies op zee.
Wat waren de lastigste periodes?
“De functies waarin je vooral bezig was met schaarste, vond ik moeilijk. Tegelijkertijd heb ik altijd genoten van het opwerken van een schip. Dan zie je mensen groeien, teams sterker worden en prestaties verbeteren. Dat heb ik meegemaakt als bemanningslid, commandant en trainer. Vanuit iedere rol blijft dat bijzonder om te zien.”
‘Ik heb leren luisteren naar mensen die het minste zeggen’
Hoe zou u uw manier van leidinggeven karakteriseren?
“Ik ben altijd mezelf gebleven en heb mezelf nooit overschat. En ik heb leren luisteren naar mensen die het minste zeggen.”
De IGK aan boord van Zr. Ms Bruinvis, die momenteel nog in onderhoud is.
U was aanspreekpunt voor defensiepersoneel, reservisten en veteranen. Welke boodschap wilt u hen meegeven?
“Houd vol en duw door, zonder jezelf te frustreren. Ik vergelijk het wel eens met de rompsnelheid van een schip. Je kunt er nog zoveel vermogen in stoppen, maar het water laat zich niet gek maken en de rompsnelheid is het snelst dat het schip kan gaan. Zo werkt het ook binnen organisaties. We willen vaak sneller dan mogelijk is. Blijf daarom druk houden op de lijn, maar zorg dat die niet breekt. En vergeet niet te waarderen wat er al wel goed gaat. We zijn een behoorlijk zelfkritisch volkje.”
4 marinemensen met bouwhelm lopen op de marinewerk langs een onderzeeboot.
Waarom zouden jonge mensen vandaag de dag moeten kiezen voor de marine?
“Voor mij bood de marine precies datgene wat ik zocht: avontuur, ontwikkeling en verantwoordelijkheid. Je krijgt hier kansen om jezelf te ontplooien in allerlei richtingen. En tegelijkertijd draag je bij aan iets dat groter is dan jijzelf; namelijk onze gezamenlijke veiligheid. Hoe mooi kun je het hebben? Bovendien hebben wij het mooiste uniform.”
De IGK krijgt een warm welkom bij zijn laatste werkbezoek.
Bij de marine ben je geregeld van huis. Waarom is de marine toch het overwegen waard?
“Het is waar dat je best vaak weg bent en soms ook verder weg. Zeker voor jonge ouders kan dat ingewikkeld zijn. Maar je moet ook kijken naar het totaalplaatje. Mijn kinderen zijn inmiddels volwassen en kijken met plezier terug op die periode. Op de keren dat ze me omhelsden als ik thuiskwam. En op de tijd dat we samenwoonden in het buitenland. Uiteindelijk is het een keuze die je samen maakt.”
De IGK spreekt lovend over de kracht en loyaliteit van het defensiepersoneel.
Heeft u vrienden overgehouden aan de marine?
“Niet zoveel. Binnen Defensie verander je voortdurend van werkomgeving en collega’s. Daardoor kom je elkaar geregeld weer tegen en weet je: we hebben samen iets gedaan, maar ik weet niet meer precies waar of wanneer. Dat is bijna gemeengoed geworden. Desondanks heb ik er een paar echte vrienden aan overgehouden. Niet veel, maar wel waardevolle.”
VADM Boudewijn Boots wil ook na zijn Functioneel Leeftijdontslag iets voor een ander betekenen.
Wat gaat u missen en wat gaat u nu doen?
“Dat je erbij hoort en ergens aan bijdraagt, dat ga ik missen. Bij Defensie heb ik 40 jaar lang mensen ontmoet, verantwoordelijkheden gedragen, successen beleefd en moeilijke momenten meegemaakt. Dat valt straks weg. Tegelijkertijd denk ik dat er nog genoeg manieren zijn om iets bij te dragen aan de samenleving en aan onderwerpen die ik belangrijk vind. Wellicht kan ik Oekraïne een beetje helpen. Op een bescheiden manier. Ik wil ook kleinschalige dingen doen. Gewoon een maatje zijn voor iemand in de wijk of in de buurt.”