Sla over en ga naar de inhoud
Een groot, donker schip met 2 masten ligt aan de kade in een haven onder een bewolkte lucht.

Ramschip Schorpioen kent een bewogen bestaan

Evert Brouwer

Nu 25 jaar museumschip, maar al veel langer maritiem erfgoed

In een serie historische artikelen kijkt Alle Hens terug op een aantal markante gebeurtenissen in het maritiem-militaire verleden. In deze tweede aflevering valt de eer ten beurt aan een bijzonder schip: ramschip Schorpioen, een schip met een opvallende historie en wel heel verschillende rollen. Het indrukwekkende pantserschip maakt alweer 25 jaar deel uit van de collectie van het Marinemuseum in Den Helder.

De regering Bosse-Fock besloot in juni 1864 om 4 zogenoemde ramtorenschepen te laten bouwen: de Schorpioen in Toulon (Frankrijk), de Buffel in Govan upon Clyde/Glasgow (Schotland) en de Stier in Birkenhead /Liverpool (Engeland). In 1867 volgde nog de Guinea; deze werd op de Rijkswerf te Amsterdam in dat jaar op stapel gezet. Waar de Schorpioen in Den Helder ligt, is de Buffel te bezoeken in Hellevoetsluis. De andere 2 schepen zijn inmiddels verloren gegaan.

Zusterschip de Buffel is in 1867 in aanbouw te Schotland. (Foto collectie NIMH)

Technische vooruitgang

Een commissie adviseerde indertijd de pantserschepen te bewapenen met een ramsteven. De schepen dienden goed wendbaar te zijn en werd daarom van 2 scheepsschroeven voorzien. Ramschepen zoals de Schorpioen zijn ontworpen om vijandelijke schepen die de havens naderden te rammen en met zware artillerie te bestoken. Ze waren het gevolg van de technische vooruitgang in de 19e eeuw, waarbij houten schepen plaatsmaakten voor stalen, gepantserde oorlogsbodems.

Samen met de 3 zusterschepen vormde – destijds nog – Zr.Ms. Schorpioen de kern van de vernieuwde Nederlandse vloot, die de houten schepen moest vervangen. De Schorpioen was uitgerust met voor die tijd zware 23 centimeter-kanons en een gordelpantser van 15 centimeter. De ramsteven, het meest in het oog springende wapen, is nooit operationeel gebruikt

Een ansichtkaart vanuit Gorinchem, met links logementschip Hr.Ms. Schorpioen (1908-1971) en rechts mijnenlegger Hr.Ms. Nautilus (1908-1926). (Foto: collectie NIMH)

De schepen waren het gevolg van de technische vooruitgang

Beperkte faciliteiten

Met de opkomst van stoomschepen binnen de marine ontstond de noodzaak voor georganiseerde opleidingen voor alle rangen, niet alleen voor officieren. De marine had qua accommodatie echter beperkte faciliteiten en moest daarom gebruikmaken van logementsschepen. Een aantal daarvan bestond uit omgebouwde marineschepen die oorspronkelijk voor heel andere doeleinden waren gebouwd.

Officier MARVA 2OC Mas Massizzo was ooit de eerste vrouwelijke commandant van een marineschip. Zr.Ms. Schorpioen deed dienst als logementschip voor de MARVA’s. (Foto's: collectie NIMH en privécollectie)

Officier MARVA 2OC Mas Massizzo was de eerste vrouwelijke commandant

De rol van drijvende kazerne kreeg het schip vanaf 1951 voor de Marine Vrouwen Afdeling (MARVA). Die laatste functie ging gepaard met een bijzonder stuk marinehistorie. Officier MARVA der tweede klasse oudste categorie Mas Massizzo voerde namelijk van 1966 tot 1968 het commando over de Schorpioen, die in Den Helder aan de kade lag. Zij was daarmee 60 jaar geleden de eerste vrouwelijke commandant van een marineschip. Zo’n 100 marinevrouwen aten en sliepen op het schip. Ze werden strikt gescheiden van de mannen, die op de wal verbleven. Massizzo is in 2020 op 96-jarige leeftijd overleden.

 

De Schorpioen, het voormalige ramschip en logementschip van de Koninklijke Marine, ligt als museumschip bij het Marinemuseum. (Foto: collectie NIMH)

Bijzonder inkijkje

De Schorpioen kent al met al een bewogen bestaan: van trots oorlogsschip tot gezonken wrak – na een onhandige manoeuvre van de Hercules (zie de tijdlijn) – en van Duits logementsschip tot museumschip. Het schip is een van de weinige overgebleven voorbeelden van de vroege gepantserde oorlogsschepen en biedt bezoekers een bijzonder inkijkje in meer dan 150 jaar maritieme geschiedenis.

1868 

Zr.Ms. Schorpioen in dienst gesteld na de bouw in Toulon. Het schip arriveert eind 1868 in Nederland.

1886 

Raderstoomschip Hercules ramt de Schorpioen in de achtersteven in de haven van Den Helder. Het schip zinkt binnen 2 uur, maar wordt gelicht en gerepareerd.

1906 

Hr.Ms. Schorpioen omgebouwd tot logementschip (drijvende kazerne) voor de Torpedodienst en onderzeebootbemanning.

1908 

De Schorpioen verdwijnt uit actieve dienst als oorlogsschip.

1940-1945 

Tijdens de Tweede Wereldoorlog sleept de bezetter de Schorpioen naar Duitsland waar het dienstdoet als logementsschip.

1947 

De Schorpioen wordt teruggevonden in Hamburg en naar Den Helder teruggesleept.

1951-1971

De Schorpioen dient als logementsschip voor de MARVA in Den Helder.

1966 

Officier MARVA 2OC Mas Massizzo wordt de allereerste vrouwelijke commandant ooit van een Nederlandse marineschip.

1982 

Het schip wordt aangekocht door de Stichting Ramschip Schorpioen en naar Middelburg gesleept voor restauratie.

1989 

Na restauratie stelt de stichting het schip open voor publiek in Middelburg.

1998 

De Koninklijke Marine koopt het schip terug en brengt het naar Den Helder.

2001 

Na 18 maanden restauratie wordt de Schorpioen als museumschip opengesteld bij het Marinemuseum.

Alle Hens

Editie 06 2026