André Twigt
SM Hille Hillinga
Stap in het onbekende tijdens Caribbean Urban Warrior
De mariniers gaan voorwaarts, kruip door – sluip door, straatje in – steegje uit. Ze zijn gebrand op tegenstand, die vanachter iedere deur en raam kan opduiken. Hoog boven het oefendorp zoemt een drone. Ogenschijnlijk achteloos, maar zeker tijdens optreden in verstedelijkt gebied onmisbaar. Dit is hoe het Korps Mariniers opereert tijdens Caribbean Urban Warrior. Een jaarlijkse oefening in de Verenigde Staten (VS) die regulier infanteriewerk, moderne technieken en het nieuwe Force Design combineert.
In de VS leren Nederlandse mariniers veel van de schaal waarop/de intensiteit waarmee de Amerikaanse collega’s opereren.
Hoog tempo
Zo’n 180 mariniers nemen deel aan de manoeuvres op Camp Lejeune in North Carolina. Zij zijn afkomstig van Marine Squadron Carib, het FRISC-detachement van Aruba en Curaçao en het Mariniersdetachement van Sint-Maarten. Laatstgenoemde eenheid treedt tijdens Caribbean Urban Warrior regelmatig op als oefenvijand; een rol die de zeesoldaten met overtuiging vervullen.
Vanaf dag één ligt het tempo hoog. In een round robin wisselen de mannen om de 2 dagen van scenario. Ze opereren in verstedelijkt gebied, voeren amfibische acties uit en werken samen met luchtsteun. Dit alles op de leest van het nieuwe Force Design, waarin kleine, zelfstandige eenheden snel en gericht in vijandelijk gebied toeslaan. “Deze opzet vereist van iedere marinier nog meer initiatief, inzicht en zelfstandigheid; zij moeten onder druk leren denken en handelen”, vertelt kapitein der mariniers Tom, exchange officer bij 2nd Reconnaissance Battalion van het United States Marine Corps (USMC).
Naast optreden in verstedelijkt gebied wordt er ook amfibisch geopereerd.
Ogen in de lucht
Een sleutelrol tijdens Caribbean Urban Warrior is er voor de Joint Terminal Attack Controllers (JTAC). Deze specialisten coördineren de samenwerking tussen de mariniers en de luchtsteun boven hen en die vanaf de grond. Zij leiden onder meer Amerikaanse Cobra-gevechtshelikopters naar hun doel. Naast de JTAC’s zijn er de drones. Deze wondertjes van techniek maken onlosmakelijk deel uit van het optreden, waarin ze vrijwel volledig zijn geïntegreerd.
Verkenningsdrones leveren live beelden van vijandelijke posities. Andere onbemande systemen worden vervolgens ingezet om aanvallen te simuleren met rook of trainingsmunitie. Nieuw is de inzet van First Person View (FPV)-drones, waarmee realistisch (groepjes) tegenstanders op de korrel worden genomen. “Drones dwingen je om continu alert te blijven”, zegt Tom. “En ze geven een courant beeld van de dreigingen. De technologie van het oorlogvoeren is een constante geworden. We moeten er bovenop blijven zitten.”
Tussen de betonnen muren en verweerde gevels bewegen de mariniers zich door scenario’s, die indringend en belastend voor hun zintuigen zijn.
Leren onder druk
Een van de meest indrukwekkende oefenlocaties op Camp Lejeune is de Outdoor Infantry Immersion Trainer. In dit nagebouwde dorp beelden acteurs de rol van onder anderen vriend en vijand uit. En er zijn geluidseffecten, geuren en rook. Tussen de betonnen muren en verweerde gevels bewegen de mariniers zich door scenario’s, die heel indringend de zintuigen belasten. “Hier worden de mannen getest op hun vermogen om onder stress te functioneren”, vertelt Tom. “Ze moeten beslissingen nemen bij beperkt zicht, met lawaai en chaos om hen heen. Alleen wie kalm blijft, behoudt het overzicht.”
De oefening ontwikkelt zich geleidelijk richting de intensieve eindfase. Hierin komt al het geleerde in 4 dagen samen. De infanteristen passen hun tactieken toe, de troop commanders tonen hun leiderschap. Het script is uitdagend: kleine eenheden voeren over 3 assen find & strike-missies uit op vijandelijke commandoposten en luchtverdedigingssystemen. “Met dito vijandelijke helikopters en drones boven ons moeten de mannen toeslaan en meteen weer verdwijnen”, benadrukt Tom. “Daarbij is de dreiging van drones en andere systemen in de lucht groter dan ooit.”
Een marinier met een gewonde collega op de schouder.
Beperkende factoren
Tijdens de eindoefening wordt het eerste luitenant der mariniers Laurens en zijn collega-troop commanders niet makkelijk gemaakt. Hun plan is om over 3 assen een aanval op enkele objecten te doen. Beperkende factoren daarbij zijn de korte planningstijd van slechts een dag en de beperkte communicatie, die enkel mogelijk is over een beperkt aantal kanalen. “Op die manier is het superlastig om een complexe missie à la Force Design uit te voeren”, aldus Laurens, die melding maakt van nog meerdere losse eindjes bij de planning. Die bemoeilijken dat je een volledig beeld van de missie krijgt en dus moet je dan maar ‘handelen naar bevind van zaken’.
“Daarbij heeft de vijand ook nog eens meer dronesteun dan wij, wat verkenningen van het doelwit lastig maakt. Laat staan dat we in de buurt ervan kunnen komen. Qua analyse gaat deze opdracht dieper dan wat we doorgaans gewoon zijn. Ook qua elektronische oorlogvoering kan de vijand het een en ander tegen ons inzetten“, aldus de troop commander.
"De exfiltratie is misschien wel het moeilijkste deel”, analyseert Tom aansluitend. “Na afloop trek je je rap uit vijandelijk gebied terug. Als dat niet volgens plan gaat – en dat is waarschijnlijk – komt het aan op doorzettingsvermogen. Bij deze missie is er zonder meer veel stress.”
Op Camp Lejeune staan oefendorpen, waarin zeer realistisch kan worden geoefend.
Kruisbestuiving maakt sterker
De oefening op Camp Lejeune is deel van een bilaterale overeenkomst tussen Nederland en de Verenigde Staten. Jaarlijks trainen Nederlandse mariniers in de VS, terwijl Amerikaanse duikers elk jaar naar Aruba komen, om tijdens Caribbean Coastal Warrior met Nederlandse begeleiding hun vaardigheden te perfectioneren.
De Nederlanders leren van de schaal waarop/de intensiteit waarmee Amerikanen operaties uitvoeren. Op hun beurt waarderen zij de precisie en het maritieme vakmanschap van de Nederlanders. Deze kruisbestuiving maakt beide partijen sterker.
Optreden in kleine groepen is een van de uitgangspunten van het nieuwe Force Design.
Nieuw normaal
Exchange officer Tom merkt intussen wel subtiele veranderingen in de onderlinge verhoudingen, nu er in het Witte Huis een andere wind waait. De samenwerking op de werkvloer is naar zijn zeggen echter onveranderd goed. Wel is de omgang met buitenlandse militairen strikter; zo is bijvoorbeeld de toegang tot militaire bases strenger. "Wij zullen in de relatie met de VS een nieuw normaal moeten vinden. Het blijft een grootmacht, met onbegrensde mogelijkheden. Die vlak je als bondgenoot niet zomaar uit.”
Optreden in verstedelijk gebied behoort tot de meest complexe gevechtsvormen.