Al veertig jaar onmisbare schakel in de luchtverdediging
Een wapensysteem dat veertig jaar meegaat, moet zich blijven aanpassen. Sinds de Patriot in dienst kwam bij de Koninklijke Luchtmacht veranderde de wereld om het systeem heen voortdurend. Dreigingen veranderden, de techniek ontwikkelde zich en de organisatie werd meerdere keren aangepast. Toch bleef één ding overeind: de opdracht om het luchtruim te beschermen. Veertig jaar na de introductie staat de Patriot nog altijd paraat.
Overdracht van het eerste Patriot-systeem aan de 5e Groep Geleide Wapens (5 GGW) op 21 augustus 1986. Nederland is daarmee het eerste land buiten de Verenigde Staten dat dit hypermoderne luchtverdedigingssysteem ontvangt. Op de foto de Directeur Materieel KLu generaal-majoor Boekenogen (l.) en luitenant-kolonel Grootveld.
Voor kapitein Robert is de sterke ontwikkeling en verandering van het systeem zichtbaar in zijn eigen loopbaan. Hij begint in 2016 bij de Patriot als Tactical Control Officer en is inmiddels Plaatsvervangend Commandant 802 Squadron. Dat is op dit moment de enige operationele Patriot-eenheid. “Toen ik begon, werd ik nog opgeleid op een voornamelijk analoog systeem. Als ik kijk naar waarmee we nu werken, is dat technisch bijna niet meer te vergelijken.”
Volgens Robert is het vermogen om zich aan te passen de reden dat de Patriot na vier decennia nog steeds relevant is. “Het systeem is ooit ontwikkeld voor een bepaalde dreiging. Maar de wereld verandert en dus moet je mee veranderen. Die aanpassingen draaien niet alleen om techniek. Je moet blijven investeren in mensen, opleiding en training. Alleen dan houd je zo’n capaciteit echt in stand.”
Een Patriot-launcher van 5 GGW te Hoysinghausen in Nedersaksen, West-Duitsland, in 1990. De launcher staat in een omwalling, afgesloten met een betonnen muur met stalen deuren. Foto: NIMH, collectie Henk Blouw
‘Ik hoef tegenwoordig op een verjaardag niet meer uit te leggen wat de Patriot is’
Meegroeien
Jarenlang is luchtverdediging voor veel mensen buiten Defensie een relatief onbekend domein. Dat verandert de afgelopen jaren snel. Robert ziet die omslag ook binnen de organisatie. “Toen ik in 2016 begon, was grondgebonden luchtverdediging nog wel een beetje onderschat. Dat was ook de situatie waarin we toen zaten. Inmiddels is dat beeld veranderd. Door wat er in de wereld gebeurt, is er veel meer aandacht gekomen voor luchtverdediging. Ik hoef tegenwoordig op een verjaardag niet meer uit te leggen wat de Patriot is. Mensen kennen het systeem uit het nieuws.”
Voor adjudant Tom loopt zijn eigen loopbaan bijna parallel aan de recente geschiedenis van de Patriot. Sinds hij in 2006 bij Defensie begon, zag hij het systeem veranderen, moderniseren en opnieuw belangrijk worden. “Ik ben eigenlijk toevallig bij de Patriot terechtgekomen”, vertelt hij met een lach. Die toevallige start groeide uit tot een loopbaan van bijna twintig jaar bij hetzelfde wapensysteem. Tom begint als vuurleider, werkt als instructeur en houdt zich nu als trainingsadjudant binnen het Patriot Trainings- en OpleidingsCentrum van 800 Squadron bezig met de opleiding en ontwikkeling van personeel.
Nederlandse Patriot-eenheden in Diyarbakir in Turkije en Jeruzalem in Israël tijdens de inzet in de eerste Golfoorlog, 1991.
‘De eerste keer dat je met echte missiles gaat schieten, dat blijft je bij’
Kat-en-muisspel
Als vuurleider beoordeelt Tom samen met collega’s de informatie die het Patriot-systeem verzamelt. “Wat de radar produceert, analyseren wij. We kijken wat er gebeurt en bepalen of iets vriend of vijand is. Dat kan uiteindelijk leiden tot een onderschepping. Het is een technisch ingewikkeld systeem dat zich constant blijft ontwikkelen. Je komt niet snel in een fase waarin je jaren achter elkaar hetzelfde doet.” Volgens Tom vraagt dat ook iets van de mensen die ermee werken. “Het is eigenlijk een kat-en-muisspel. Je moet blijven nadenken hoe je jezelf verbetert ten opzichte van je tegenstander.”
Kapitein Robert (r.) en adjudant Tom bij een Patriot-lanceerinrichting. Beiden zagen het systeem de afgelopen jaren sterk veranderen en meegroeien met nieuwe dreigingen. Foto: DGLC
Een moment dat Tom nooit is vergeten, is zijn eerste live firing met een Patriot tijdens de jaarlijkse oefening in Kreta. “De eerste keer dat je met echte missiles gaat schieten, dat blijft je bij. Je bent dan begin twintig en maakt voor het eerst mee wat het systeem daadwerkelijk kan. Als je bij Defensie komt, is de eerste keer schieten met een wapen vaak al een bijzonder moment. Maar dit is natuurlijk op een heel andere schaal.”
Symbolisch voor de verhuizing van Duitsland naar Nederland: een colonne Patriot-voertuigen rijdt door een Hollands landschap op weg naar De Peel. Op de tweede foto de oprichtingsplechtigheid van de Groep Geleide Wapens De Peel op 1 juli 1994.
Overleefd
De loopbaan van Tom loopt opvallend parallel aan de geschiedenis van de Patriot. Tijdens een periode van bezuinigingen stonden beide onder druk. “Ik zat eigenlijk heel lang op de wipstoel. Ik zou Defensie moeten verlaten, maar uiteindelijk kon ik blijven. Hetzelfde gold voor de Patriot: gaan we ermee door of gaan we het uitfaseren? Ik ben nu een twintigjarige carrière verder en inmiddels adjudant. En het Patriot-wapensysteem is er ook nog steeds. We hebben het eigenlijk allebei overleefd.”
Luchtopname van De Peel in 2004. Ten zuiden van de startbaan zijn de opstelplaatsen van de operationele Patriot-squadrons 801, 802, 803 en 804 zichtbaar.
Collega adjudant Erik werkt sinds 1999 met de Patriot en zag het wapensysteem en de organisatie in ruim vijfentwintig jaar ingrijpend veranderen. Hij vervulde verschillende functies binnen het systeem, van lanceerder tot instructeur, en houdt zich inmiddels bezig met training en evaluatie. Volgens Erik zit de kracht van de Patriot juist in het vermogen om mee te bewegen met de tijd. “Toen ik begon, was de Patriot al een hightech wapensysteem. Dat is het nu nog steeds. Je ziet de ontwikkelingen misschien niet altijd aan de buitenkant, maar onderdelen en systemen zijn voortdurend aangepast zodat het wapensysteem mee kan met deze tijd.”
Adjudant Erik: “Het systeem hoeft niet te worden ingezet om een verschil te maken.”
‘Een land vraagt niet zomaar om Patriot-capaciteit’
Dreiging voorblijven
Die voortdurende vernieuwing is volgens Erik noodzakelijk. De dreiging verandert immers ook. “Er worden steeds meer langeafstandsraketten ontwikkeld. Daartegen hebben wij met de Patriot een van de beste systemen die er is.”
In zijn loopbaan maakte hij meerdere inzetten mee, waaronder die in Turkije, Slowakije en Polen. Die ervaringen laten volgens Erik zien welke waarde een luchtverdedigingssysteem heeft. “Een land vraagt niet zomaar om Patriot-capaciteit. Als je ergens wordt ingezet, betekent dat dat een land vertrouwen heeft in wat je kunt leveren. Als landen zich veiliger voelen doordat wij daar staan, dan laat dat zien dat onze rol betekenis heeft.”
Nederland heeft het systeem nog nooit hoeven gebruiken om een doel uit te schakelen. Volgens Erik is dat juist de kracht van luchtverdediging: het afschrikkende effect van de Patriot. “Een tegenstander weet dat een aanval niet zomaar succesvol zal zijn. Dat kan ervoor zorgen dat er twee keer wordt nagedacht voordat zo’n stap wordt gezet. Juist daarin zit de kracht van de Patriot: het systeem hoeft niet te worden ingezet om een verschil te maken.”
Een hoornblazer tijdens het appèl op de White Sands Missile Range. Op dit uitgestrekte oefenterrein ten noorden van El Paso in de Verenigde Staten vindt de oefening Roving Sands plaats. Op de tweede foto poseert een lanceer-crew van 326 Squadron van 3 GGW op een Engagement Control Station (vuurleidingcentrale).
Volgens Erik is kennisoverdracht een van de belangrijkste voorwaarden om de capaciteit toekomstbestendig te houden. “Je kunt een systeem kopen, maar uiteindelijk zijn het de mensen die ermee werken die het verschil maken. Kennis en ervaring bouw je over jaren op. Daarom is het belangrijk dat ervaren collega’s hun kennis doorgeven aan een nieuwe generatie. Zo zorg je ervoor dat die ervaring binnen de organisatie behouden blijft.”
Sluitingsceremonie van 5 GGW in Stolzenau, Duitsland, op 30 juni 1995. Bevelhebber der Luchtstrijdkrachten luitenant-generaal Heinz Manderfeld neemt de onderdeelsvlag in ontvangst van de laatste commandant kolonel Jaap Tees. Daarmee kwam een einde aan de stationering van de eenheid in Duitsland.
Patriot in vogelvlucht
Veertig jaar geleden werd de Patriot ingevoerd bij de Koninklijke Luchtmacht als opvolger van de Nike Hercules. Het grote voordeel van de Patriot was dat het systeem mobieler was en daardoor beter inzetbaar. Het systeem kwam in dienst bij verschillende Groepen Geleide Wapens, die in de jaren tachtig nog in Duitsland waren geplaatst. Na de val van de Berlijnse Muur verhuisden de eenheden naar Nederland en werden ze ondergebracht op voormalig Vliegbasis De Peel, de huidige Luitenant-generaal Bestkazerne. Daar vormt de Patriot inmiddels samen met de andere luchtverdedigingssystemen van Defensie de basis van de Nederlandse grondgebonden luchtverdedigingscapaciteit.
Door bezuinigingen werd de Patriot-capaciteit in de jaren daarna sterk teruggebracht. Het aantal operationele squadrons nam af en in 2010 werd de Patriot organisatorisch ondergebracht bij het Defensie Grondgebonden Luchtverdedigingscommando (DGLC). Ondanks deze veranderingen bleef het systeem zich ontwikkelen. De Patriot werd meerdere keren ingezet, onder meer in Turkije en Slowakije, en speelt vandaag opnieuw een belangrijke rol binnen de luchtverdediging van Nederland en de NAVO. Kijk daarvoor in de Vliegende Hollanders van februari (01) en mei (05).