kapitein Charlotte Verolme
Mediacentrum Defensie
‘Trots op wat we bereikten, klaar voor de toekomst’
Loslaten gaat Annelore Roelofs goed af, maar onverschillig laat haar vertrek haar allerminst. Na drie intensieve jaren droeg zij het commando over de Koninklijke Marechaussee vandaag over. In die periode zag ze de veiligheidssituatie sterk veranderen en kreeg de militaire taak van de organisatie steeds meer gewicht. In haar afscheidsinterview blikt Roelofs terug op moeilijke keuzes, ingrijpende gebeurtenissen en de trots die zij voelt voor haar collega’s. “Ik wilde sámen resultaten behalen, dat is gelukt.”
Met wat voor gevoel zit u hier?
“Met een dubbel gevoel. Enerzijds laat ik iets heel moois achter, maar tegelijkertijd verheug ik me op de ruimte die ontstaat voor wat nieuws in mijn leven. Toen ik aan deze functie begon, wist ik al dat het voor drie jaar zou zijn. Je groeit naar het moment van afscheid toe.
Ik ben ongelooflijk betrokken bij de Marechaussee, net zoals ik dat ben geweest bij mijn vorige werkgevers. Maar juist omdat ik in mijn loopbaan de nodige wisselingen heb meegemaakt, kan ik ook goed loslaten. Dat geeft mij een fijn en geruststellend gevoel. Tegelijkertijd voel ik me verantwoordelijk voor deze organisatie en die verantwoordelijkheid heb ik tot het laatste moment gedragen.”
Hoe kijkt u terug op de afgelopen drie jaar?
“In het begin was het natuurlijk best spannend. Ik kwam van buiten Defensie en dat is niet gebruikelijk. Daarover heb ik destijds goed nagedacht. Uiteindelijk ben ik vol vertrouwen aan deze functie begonnen. Ik wist dat ik onder een vergrootglas zou liggen, maar ik ben er wel voor gegaan. Hoe uniek is het dat je dit werk bij zo’n tot de verbeelding sprekende organisatie mag uitvoeren?
De afgelopen drie jaar waren intensief en vonden plaats tegen de achtergrond van grote internationale ontwikkelingen. De oorlog in Oekraïne en de escalatie van het conflict tussen Hamas en Israël hadden grote invloed op de organisatie en op de manier waarop er naar veiligheid werd gekeken.
De militaire kant, die niet mijn achtergrond vormde, ging een steeds prominentere rol spelen. Daar moest ik me echt in verdiepen, maar dat vond ik ook heel interessant. Tegelijkertijd vroeg die veranderende wereld om een goede balans. Ook bij een grotere focus op militarisering blijft het belangrijk dat onze organisatie haar civiele politietaken goed blijft uitvoeren, onder het civiele gezag. Wat dat betreft was het een volle periode.”
“Ik heb mijn verantwoordelijkheid tot het laatste moment gedragen.”
Waar bent u het meest trots op?
“Dat is niet één specifiek moment, maar een breed palet aan ontwikkelingen. Ik ben onder andere trots op de manier waarop de organisatie Hoofdtaak 1 heeft opgepakt, op de ontwikkeling van de grensveiligheid, op de verdere professionalisering van Bewaken en Beveiligen en alle innovaties.
Ook de afronding van de reorganisatie van het Landelijk Tactisch Commando (LTC, red.) en de ontwikkeling van het opleidingsinstituut maken mij trots. Daarbij doel ik vooral op de mensen achter de resultaten. In essentie ben ik het meest trots op de collega’s die iedere dag weer vol overgave hun werk doen.
Als eerste vrouwelijke commandant vind ik het bovendien bijzonder waardevol om te zien dat er binnen Defensie steeds meer aandacht is voor vrouwelijk leiderschap. In alle lagen van de organisatie bekleden steeds meer vrouwen diverse posities, waaronder leidinggevende. Dat komt de organisatie absoluut ten goede.”
Is er iets waarvan u achteraf denkt: dat vond ik lastig?
“Als ik het breder trek en naar de organisatie kijk, zijn er veel momenten geweest waarop ik keuzes heb moeten maken. De Marechaussee heeft een breed takenpakket en opereert in een omgeving waarin ontwikkelingen elkaar snel opvolgen. Je kunt niet alles tegelijk doen en niet iedere opgave dezelfde prioriteit geven.
Als eindverantwoordelijke is het mijn taak om richting te geven, prioriteiten te stellen en soms ook keuzes te maken die betekenen dat iets op een later moment wordt opgepakt. Juist door duidelijke beslissingen te nemen, creëren we ruimte om daadwerkelijk stappen te zetten en resultaten te boeken. Zonder keuzes geen beweging, zonder beweging geen vooruitgang.”
Welke gebeurtenis zal u het meest bijblijven?
“Dat is zonder twijfel het overlijden van collega’s, en dan met name dat van Toon op Curaçao. Dat heeft niet alleen op mij, maar op de hele organisatie een enorme impact gehad. Ik heb Toon persoonlijk ontmoet tijdens een bezoek aan het Caribisch gebied en wist, toen het telefoontje binnenkwam, meteen om wie het ging. Hij was iemand die indruk maakte; je vergat hem niet snel.
Het verdriet van de nabestaanden heeft me enorm geraakt. Tegelijkertijd maakt het me trots om te zien hoe de Marechaussee met zo’n ingrijpende gebeurtenis omgaat. Het begeleiden van de familie, het organiseren van de ceremonie en de nazorg: alles werd op een uiterst zorgvuldige en professionele manier opgepakt. Iedereen die nodig was, stond klaar. Dat was ontzettend mooi om te zien en gaf mij als commandant veel vertrouwen.”
“De militaire kant van ons werk ging een steeds prominentere rol spelen.”
Wat gaat u missen aan de Koninklijke Marechaussee?
“De collega’s en de samenwerking. Binnen onze eigen organisatie, met onze gezagen en opdrachtgevers, maar ook met andere krijgsmachtdelen, de defensietop en op bestuurlijk niveau. Dat is wat uiteindelijk het meest bijblijft. In mijn eerste interview met KMarMagazine gaf ik al aan dat ik het belangrijk vind om sámen resultaten te behalen. Dat is zeker gelukt.”
Welke boodschap wilt u meegeven aan collega’s?
“In de eerste plaats een woord van dank. Dank voor de fijne samenwerking en de mooie gesprekken. Daar heb ik echt van genoten. Daarnaast wil ik mijn vertrouwen uitspreken. Ik ben ervan overtuigd dat we beschikken over een organisatie die er staat wanneer het erop aankomt. Dat is te danken aan jullie professionaliteit en betrokkenheid. Dus nogmaals: dank daarvoor.”
Wat gaat u na vandaag doen?
“Daar ga ik eens goed en rustig over nadenken. Ik heb 47 jaar gewerkt, waarvan het grootste deel in het veiligheidsdomein. Een volgende baan kan zomaar eens mijn laatste zijn. Die keuze wil ik niet overhaast maken. Ik heb mezelf daarom een halfjaar de tijd gegeven voor reflectie en verdieping.
De deur van mijn kantoor in Den Haag trek ik straks met een heel goed gevoel achter me dicht. Absoluut. Ik ben trots op wat we hebben bereikt. Tegelijkertijd blijft mijn blik op de toekomst gericht. Dat is wie ik ben.”