Jopke Rozenberg-van Lisdonk
SM Cristian Schrik, 12 Rangerbataljon
Luchtmobiel en DHC trainen air assault in de VS
In Texas op compagniesniveau trainen tegen een gelijkwaardige tegenstander. En dat in bergachtig terrein met ravijnen en klimaatschommelingen. Dat was in januari voor 12 Rangerbataljon Regiment Van Heutsz de oefensetting tijdens American Falcon 2.0. De Rangers van 11 Luchtmobiele Brigade trainden samen met het Defensie Helikopter Commando (DHC) het air assault-optreden.
Na een opstartweek met het bij daglicht trainen van alle basisprocedures binnen de Amerikaanse regelgeving, is het tijd om het optreden bij duisternis te oefenen. De nachtelijke operaties variëren van een 4-uurs inzet tot 72 uur. Plaatsvervangend groepscommandant korporaal Nelly vertelt: “De vijand is niet alleen qua materieel even goed uitgerust, maar ook groot in aantallen. We nemen het op tegen een professioneel leger.”
De eerste week bestaat uit het opfrissen van de basisprocedures, zoals in- en uitstijgen, schieten en het commandovoeringsproces.
American Falcon in nieuw jasje
Sinds 2011 trainen 11 Luchtmobiele Brigade en het Defensie Helikopter Commando samen vanaf de Amerikaanse basis Fort Hood. De gereedstellingsoefening American Falcon vindt hier 3 tot 4 keer per jaar plaats.
Voorheen oefenden de eenheden voor hoofdtaak 2-missies. De scripts zijn voor het eerst omgeschreven en doorontwikkeld naar een hoofdtaak 1-context. Vandaar de naam American Falcon 2.0.
Lastiger om ongezien te blijven
Andere dimensies
“Daarnaast maakt vooral het terrein de operaties anders”, vult eerste luitenant Michiel aan. “De dimensies zijn hier anders”, vertelt de waarnemend commandant C-compagnie. “Het is hier groter en we hebben te maken met glooiing. Behalve dat je bewegingen anders en groter zijn, doet het ook iets met je communicatiemiddelen. Bij een line of sight-verbinding moet je hoger staan, dat maakt het lastiger om ongezien te blijven.”
“Gisteren moesten we een object innemen dat in een ravijn lag”, vertelt Nelly. “Dat was een mooie ervaring. Het andere peloton begon te vuren, waardoor wij de instap konden doen.” Dienjaarmilitairen (zie kadertekst onderaan) fungeerden samen met Amerikaanse militairen als oefenvijand.
Opereren in voornamelijk droog, glooiend Texaans landschap waar het de ene dag 25 graden Celsius is en de volgende dag 20 graden kouder.
Meer oefencapaciteit
De Rangers kunnen voor vrijwel elke inzet gebruik maken van de Chinook. Het trainen van die air assaults is van grote toegevoegde waarde. In Nederland heeft de eenheid hiervoor minder mogelijkheden. Dat komt enerzijds door de drukke agenda van het DHC, anderzijds door de beperkte ruimte in tijd en terrein die Nederland biedt om te oefenen. Het oefengebied nabij Fort Hood is ongeveer zo groot als de provincie Utrecht. Ook diverse ranches buiten het oefenterrein staan ter beschikking van de militairen.
De eenheden oefenen nauwelijks bij daglicht. Ze trainen vooral in de ochtendschemering, bij zonsondergang of zelfs in het duister. De nachtelijke operaties variëren van een 4-uurs inzet tot 72 uur.
Eenheden moeten vooral snel reageren
Bevelen opvolgen
Het opereren met een helikoptereenheid in een hoofdtaak 1-scenario vraagt om aanpassing. Chinook-vlieger kapitein Robin: “Wij zullen de infanteristen niet zo dicht bij de frontlinie kunnen afzetten als we gewend zijn. Waar wij voorheen overwicht in het luchtruim hadden, moeten we nu oppassen er niet uitgeschoten te worden.”
In Afghanistan, Mali en Irak konden operaties vaak minutieus worden voorbereid. Dat zal waarschijnlijk niet het geval zijn bij een aanval door een gelijke tegenstander. Daarbij moeten de eenheden als snelle reactiemacht van de NAVO vooral snel reageren en bevelen vanuit het bondgenootschap opvolgen. Als overkoepelend orgaan zal de NAVO het overzicht van het totale strijdtoneel houden, waarbinnen inzetten gelijktijdig en soms op korte afstand van elkaar plaatsvinden.
Wanneer de tegenstander even sterk is, zullen er meer gewonden vallen aan eigen zijde. Reden genoeg om de medische keten goed en vaak te beoefenen. Heli’s zullen bij dit soort missies mogelijk niet binnen een kwartier ter plaatse kunnen zijn voor de afvoer van gewonden.
De truc is elkaar te vinden voor een betere afstemming
Uitvoeren - mars
Die top-down aansturing is voor beide eenheden behoorlijk wennen, aangezien ze normaliter vooral bottom-up werken. Een gedetailleerde afstemming tussen land- en luchtmacht zal er niet of nauwelijks inzitten. “Het commandocentrum van de NAVO bepaalt grotendeels het plan”, vertelt Robin: “waar ga je heen en wie neem je mee.”
“We hebben niets te zeggen over de plek waar wij worden afgezet, dat frustreert me”, voegt Michiel toe. Tijdens American Falcon 2.0 trainen land- en luchtmacht dan ook vooral op het aspect ‘uitvoeren - mars’. Robin. “De truc is om binnen de kaders van de opdracht en de krappe voorbereidingstijd die we hebben, elkaar te vinden voor een betere afstemming. En misschien zelfs de kans te pakken de NAVO te overtuigen van een iets andere tactiek.”
Wat dat betreft blijft de mindset in iedere missie volgens de 3 heren hetzelfde: het hoogst haalbare uit de operatie halen met een groot vertrouwen in elkaar. Nelly: “Hoe complex het ook wordt, we weten dat we op elkaar kunnen rekenen.”
41 dienjaarders ondersteunen de oefening American Falcon 2.0.
Dienjaarmilitairen in de rol van oefenvijand
Soldaten-2 Marcel Vermeer en Chester van Veen komen tijdens American Falcon 2.0 in actie als OpFor, ofwel Opposing Force.
Vermeer: “In vesten met sensoren en wapens met lasers en oefenmunitie simuleren we de oefenvijand. We werpen een hinderlaag op vanuit het zijterrein. Bij sommige acties is het de bedoeling dat je gewond, bewusteloos of dood neervalt, zodat luchtmobiele militairen je moeten behandelen.”
Van Veen: “We zien van dichtbij hoe de Rangers werken. Het is mooi en interessant om te zien hoe ze handelen en hoe rustig ze daarbij blijven.”
Vermeer: “Ik heb al gesolliciteerd voor officier luchtdoelartillerie. Voor 1 juli hoor ik of ik ben aangenomen en mag starten op de KMA. Bij eerdere banen ging het mij alleen om geld verdienen, maar Defensie vind ik echt leuk.”
Van Veen: “Ik ga voor de Rode Baret. Vrienden en kennissen van mij werken bij 11 Luchtmobiele Brigade. Van hen hoor ik vaak mooie verhalen over uitdagingen en de afwisseling. Ik heb al een rekest ingediend voor een vast contract, misschien kan ik al in maart de opleiding in.”