KAP Saminna van den Bulk
Jarno Kraayvanger, 43 Gemechaniseerde Brigade, SGT Jasper Verolme, archief Mediacentrum Defensie
Combined Arms Symposium
Slimmer vechten, hoe ziet dat eruit? Het is de vraag die centraal stond tijdens het laatste Combined Arms Symposium (CAS). 3 dagen lang bogen meer dan 1.000 militairen en de defensie-industrie zich op de Bernhardkazerne in Amersfoort over operationele concepten voor de toekomst van het landoptreden.
Elektronische oorlogsvoering, surveillerende drones en vlammenwerpende robots. Wie een video opzoekt van de oorlog in Oekraïne, ziet dat op het gevechtsveld van vandaag dreigingen van alle kanten komen. Technologische ontwikkelingen volgen elkaar daarbij snel op.
Combined Arms Symposium
Het CAS 2025 werd georganiseerd door de Vereniging Officieren Cavalerie, de Vereniging Officieren Infanterie, het Land Warfare Center en het Opleidings- en Trainingscentrum Manoeuvre. Het jaarlijkse symposium is bedoeld om de defensie-industrie en militairen van gedachten te laten wisselen over de toekomst van landoptreden.
Daarbij stond ditmaal het optreden op korps- en divisieniveau centraal. De tweede en de derde dag stonden in het teken van het optreden van de bataljonstaakgroep.
Een transparant gevechtsveld
“Ten opzichte van ‘vroeger’ is er complete transparantie op het strijdtoneel. Door de inzet van onbemande systemen is jezelf onzichtbaar maken in het gebied amper nog mogelijk. Drones registreren je bewegingen vanuit de lucht en andere systemen detecteren je in het elektromagnetische spectrum”, legt luitenant-kolonel Olaf Brink, hoofd Kenniscentrum Grondgebonden Manoeuvre (KCGM) uit.
Bovendien wordt het gevecht tegenwoordig over steeds grotere afstand uitgevochten. “Sensoren kunnen verder kijken, dieper in het gebied. Met nieuwe, geavanceerde (wapen)systemen is het mogelijk om over een steeds grotere afstand effect te bereiken. Dit alles maakt je als militair kwetsbaar. Juist die kwetsbaarheid wil je tegengaan.”
Jezelf onzichtbaar maken in het gevechtsveld is amper nog mogelijk.
Grootschalig conflict
Waar de krijgsmacht het afgelopen decennium inzette op missies ter bevordering van de internationale rechtsorde, ligt de focus nu op het beschermen van het eigen grondgebied tegen een gelijkwaardige opponent. Ook de landmacht maakt zich op voor een grootschalig conflict in een dergelijk hoofdtaak 1-scenario. Dat vraagt om een andere manier van optreden dan voorheen.
Reden voor hoofd Bureau Medium Infantry majoor Bart van der Spek van het KCGM om voor het CAS een scenario te ontwikkelen waarin ‘slimmer vechten’ centraal stond. Samen met collega’s van Heavy Infantry, Reconaissance, Vuursteun, C4I (command, control, communication, computers and intelligence) kozen ze voor een complexe gevechtsvorm: de aanval van een battlegroup.
“De gevechtstank blijft ook in de tijd van drones een essentieel middel voor het gevecht van de verbonden wapens. Het is het enige middel dat 24/7, onder alle weersomstandigheden alle mogelijke tegenstanders kan uitschakelen en een terreindeel kan bezetten of behouden in samenwerking met infanterie.”
Niet ‘in plaats van’, maar alles naast elkaar
Oud versus nieuw denken, high tech versus low tech, kwantiteit versus kwaliteit: het waren enkele tegenstellingen die kwamen bovendrijven tijdens de ontwikkeling van het scenario. Van der Spek: “De conclusie is dat ‘in plaats van’ niet de oplossing is: alles moet naast elkaar gebeuren. Drones maken manoeuvre bijvoorbeeld niet onmogelijk, er komen lagen aan complexiteit bij”, legt de majoor uit.
Om ‘slimmer vechten’ verder te verduidelijken is de OODA-loop (Observe, Orient, Decide, Act) op de voorgrond geplaatst bij de ontwikkeling van het scenario. “De partij die slimmer vecht, versnelt zijn eigen OODA-loop. Daarmee verstoort die het besluitvormingsproces van de tegenstander door hem sneller met nieuwe dilemma’s te confronteren waar hij op moet reageren.
Grotere gereedschapskist
Hoe ziet dat ‘slimme vechten’ er dan uit? Van der Spek licht een aantal zaken uit, te beginnen met het omarmen van nieuwe technologieën. Vechten mét en tégen drones wordt steeds belangrijker. Over de volle breedte van de landmacht dient de technologie geïncorporeerd te worden in het optreden. Een goed voorbeeld daarvan zijn de verkenners. Onbemande systemen als drones en sensoren ondersteunen hen met het verkennen en surveilleren diep in vijandelijk gebied en toe te slaan op een kritiek punt. “Denk hierbij ook aan de inzet van loitering ammunition (munitie die langere tijd rondvliegt voordat de militair het wapen daadwerkelijk inzet, red.) die voorzien is in te stromen bij de verkenningseenheden”, vult Brink aan. “De gereedschapskist van verkenners wordt daardoor een stuk groter”, aldus Brink.
Genetwerkt optreden
Dan de verbindingen. Waar radio’s eerder flinke beperkingen hadden bij optreden voorbij de line of sight, biedt het mesh-netwerk uitkomst. Door nieuwe radioverbindingen aan elkaar te koppelen, ontstaat een moeilijker te jammen netwerk. Omdat iedereen als een relieerstation fungeert, blijft er (bijna) altijd een alternatief lijntje om berichten door te spelen. Dat levert meer informatie op vanaf het gevechtsveld, maar ook vanaf de commandantenlijn naar de eenheden in het veld.
Waar radio’s eerder flinke beperkingen hadden bij optreden voorbij de line of sight, biedt het mesh-netwerk van radioverbindingen uitkomst.
Junior leaders
Command and control maakt het verschil in het gevecht. De transparantie op het gevechtsveld dwingt eenheden om meer verspreid op te treden. Even ‘op de klep komen’ bij een commandant op een lager niveau is dan lastiger. Dit vraagt iets van onze mensen, legt Van der Spek uit. “Junior leaders moeten zelfstandiger op kunnen treden. Ze hebben dus meer vrijheid nodig om zelf beslissingen te kunnen nemen. Deze noodzaak wordt nog groter wanneer de vijand de verbindingen toch weet te verstoren.”
“Overwicht in het elektromagnetisch spectrum is belangrijker dan ooit.”
Robuuste verbindingen
Enerzijds beschikt de militair in het veld over meer kennis. Anderzijds is het gevechtsveld zo transparant, dat ook de hogere commandant beter zicht heeft op wat er in het voorterrein gebeurt. Het risico is dat die ‘de lange schroevendraaier’ hanteert en zich teveel met details bezighoudt. Een combinatie van wederzijds vertrouwen, opdrachtgerichte commandovoering en robuuste verbindingen zijn voor ‘slimmer vechten’ met grote eenheden essentieel, vindt Brink dan ook.
Onder meer de gereedschapskist van verkenners gaat er anders uit zien.
Mens cruciaal
Technologie biedt vele kansen in het optreden. Of het nu gaat om verkenning, doelherkenning, het aanvallen van de vijand of ondersteunen van het besluitvormingsproces. “Het helpt ons om het gevecht te winnen en eigen slachtoffers te verminderen”, zegt Brink. “De mens blijft het kostbaarste wat we hebben. De eerste klappen in vuurcontact moeten daarom vallen bij de onbemande systemen. Maar zie de technologie niet als vervanging van de militair. Het is aanvullend aan de mens. Technologie helpt ons om beter en sneller beslissingen te nemen en eigen personeel beter te beschermen waardoor we in staat blijven om het gevecht te winnen.”