Sla over en ga naar de inhoud
Een Fennek-verkenningsvoertuig met twee militairen rijdt door een beboste omgeving.

Materieel en IT samenbrengen is passen en meten

Kapiteins Saminna van den Bulk en Nico Schinkelshoek 

Sergeant-majoor Hille Hillinga, Rob ter Bekke en Gerben van Es 

Nieuwe communicatiemiddelen in Fennek vragen om keuzes

Bestaande voertuigen en nieuwe IT-middelen samenvoegen is geen sinecure. Beperkte ruimte, veel keuzemogelijkheden, verschillende behoeften en nog meer ideeën. Wat doe je dan? Alle betrokkenen bijeenbrengen en gezamenlijk knopen doorhakken. Dat gebeurt nu voor de Fenneks, die uiteindelijk voorzien worden van nieuwe communicatiemiddelen.

De modernisering van de verkenningsvoertuigen op IT-vlak is onderdeel van het programma FOXTROT. Binnen dit Defensiebrede programma worden varende, rijdende en vliegende platformen voor het grondgebonden optreden voorzien van nieuwe communicatiemiddelen. Stuk voor stuk stellen betrokken de in te bouwen configuratie vast. Voor 43 Gemechaniseerde Brigade staat de Fennek als eerst op de planning. Het project deed onlangs haar intrede in de Concurrent Design Facility (CDF) van het Commando Materieel en IT (COMMIT) in Soesterberg. Drie deelnemers vanuit COMMIT aan het woord.

De Concurrent Design Facility in Soesterberg, waar de besluitmakers (projectteam, eindgebruikers en instandhouders) in de binnenring zitten en de experts in de buitenring. Zij voeden hen met voorstellen.

Blauwdruk  

FOXTROT zorgt voor de modernisering van communicatiemiddelen voor zowel lichtere en amfibische eenheden, denk bijvoorbeeld aan militairen van 11 Luchtmobiele Brigade en het Korps Mariniers, als voor de zwaardere eenheden. “Op dit moment kijken we vanuit FOXTROT naar de integratie van hardware- en softwaresystemen voor C4I in de Fennek”, legt programmamanager FOXTROT kolonel Rob van het Joint Informatievoorziening Commando (JIVC) uit.  

“Daarbij gaat het onder meer over een software defined radio, nieuwe GPS-voorzieningen en civiele transmissiemiddelen zoals 4G- en 5G-WiFi. We leveren een mix van transmissiemiddelen. Dat is natuurlijk de droomoplossing vanuit IT-gedachte. Maar past dat ook binnen het platform? Wij zijn niet de enige die wensen hebben. Je hebt een beperkte ruimte, slechts een aantal antennes en gelimiteerde energievoorziening.” Het is passen en meten. “Ook kunnen systemen elkaar storen. Daarbij moeten we realistisch zijn over de duur die een modificatie kost. Een compleet voertuig ombouwen kost veel tijd, geld en brengt risico’s met zich mee. Gezien de ontwikkelingen in de wereld is er een grote druk om versneld te leveren.”

Er moeten dus keuzes gemaakt worden over wat we wél en niet inbouwen. Juist daar bieden de sessies in de CDF uitkomst, vertelt Rob. “De gebruiker en de wereld van grootmaterieel en IT komen hierin samen, leren elkaar kennen en leren elkaars wereld en belangen te begrijpen. Daar zit grote leerwinst. Voorheen werd dit proces gescheiden opgelopen. Nu wordt IT meer en meer geïntegreerd in het wapenplatform. Niet óf-óf, maar én-én.” Een ontwikkeling die de programmanager toejuicht. “Netwerk en data worden namelijk steeds belangrijker voor het militair optreden.”  

De Fennek vormt hierin een blauwdruk voor de toekomst. “De lessen die we nu leren, nemen we mee in de sessies die nog volgen voor alle andere bestaande voertuigen. Het operationeel commando bepaalt hierin de volgorde. Uiteindelijk passeren ze allemaal de revue. Die moderniseringsslag van IT is een uitdaging. Maar door grootmaterieel en IT letterlijk bij elkaar aan tafel te brengen, zorgen we samen voor de optimale oplossing.”  

De Fenneks krijgen als eerste grondgebonden systemen nieuwe radio’s en communicatiemiddelen. Dit is onderdeel van het programma FOXTROT.

Multidisciplinair puzzelen  

“De uitdaging van dit soort projecten is dat je de hele keten meeneemt in de oplossing. Je wil niet aan de IT-kant iets bedenken dat uiteindelijk niet binnen het platform past”, zegt Jan Willem, de projectmanager binnen Spiral 0 (modernisering tactische communicatiemiddelen binnen FOXTROT, red.) van het JIVC.

De CD-sessies zijn te vergelijken met een snelkookpan. Alle stakeholders schuiven aan. “Dit zijn een vertegenwoordiger van de gebruiker, kenniscentra, de architecten van de IT, de normsteller van de afdeling Grondgebonden Wapensystemen, de directie projecten, Defensie Materieel en Diensten, collega’s van het Materieellogistiek Commando Land, Bussiness IT Allignment van het Joint Informatievoorziening Commando en de verbindingsofficieren van de brigade.”

In het geval van de Fennek zitten zij met z’n dertigen aan tafel. De oplossingen zijn opgeknipt in bouwblokken. Hoe voorkom je dat dit een kakofonie wordt? “De Concurrent Design Facility maakt het mogelijk. Als onafhankelijke partij geven zij richting tijdens de sessies”, zegt Jan Willem. Dit is nodig om de verschillende belangen en de verschillende verantwoordelijkheden uit elkaar te houden. Daarnaast zorgt de faciliteit voor ‘modellering’, vertelt hij. “Alle keuzes worden vastgelegd, zodat alle data beschikbaar is voor hergebruik.”

Een project als deze is omvangrijk en complex. Alle puzzelstukjes samenvoegen, van logistiek, techniek, maar ook onderhoud, is een flinke opdracht. Tegelijkertijd haalt Jan Willem juist daar de voldoening uit. “We zijn er nog niet, maar we zijn goed onderweg. Het doel van ons allemaal is een platform dat de gebruiker in staat stelt op te treden zoals beoogd. Daar zetten wij ons multidisciplinair voor in voor het hele landgebonden portfolio aan materieel en IT.”

‘Netwerk en data worden namelijk steeds belangrijker voor het militair optreden.’

Harde keuzes maken

Kolonel Jos, hoofd van de afdeling Grondgebonden Wapensystemen (Directie Wapensystemen & Bedrijven), is nauw betrokken bij de ‘professionaliseringsslag’ die de Fenneks maken. Zijn team van normstellers, de zogenoemd ‘technisch eigenaars’ van de systemen, is verantwoordelijk voor de eisen waaraan verschillende landmachtvoertuigen moeten voldoen. De vraag die binnen dit project centraal staat: Hoe past hetgeen dat bedacht is aan vernieuwde communicatiemiddelen in de huidige vloot Fenneks?

“Er is een lijst gemaakt met behoeftes”, legt de kolonel uit. “Wat moeten de systemen kunnen en welke systemen moeten in de Fennek komen? Daar is vervolgens een vertaalslag van gemaakt. Wat zijn de afmetingen daarvan, en de gewichten? En wat is bijvoorbeeld de stroombehoefte? Maar ook: wat stoot een systeem uit?”

Hoewel de gesprekken over de verschillende opties al langer lopen, bleven harde keuzes daarover vooralsnog uit. De Concurrent Design Facility bood een uitweg. In de sessies voorziet de kolonel de besluitmakers van expertise. “Wij stellen vast of de gewenste middelen ook passen. Soms lukt dat niet vanwege de fysieke ruimte. En soms past iets bijvoorbeeld niet vanwege het totaalgewicht of vraagt iets teveel stroom.”

Dat maakt dat soms andere oplossingen nodig zijn. Een ander type radio of communicatiemiddel bijvoorbeeld. Maar ook: prioriteiten stellen of in het uiterste geval het operationele concept aanpassen. “Dat zijn eigenlijk de drie keuzes die dan ultiem voorliggen. In zo'n samenwerkingsruimte probeer je die scherp te krijgen.” 

Dat de eerste stappen voor de Fennek nu gezet worden, stemt de kolonel tevreden. Het is volgens hem namelijk noodzakelijk om zo snel mogelijk knopen door te hakken. “We moeten verder. De tijd dringt. Zet alle specialisten bij elkaar, en een product is nooit goed genoeg. Maar kom je met handelingsopties, kan de autoriteit een besluit nemen en kunnen wij daarna weer opdrachten geven aan de industriepartners.” Andere wapensystemen zijn hierna aan de beurt. “Wij staan in ieder geval klaar om daar per platform invulling aan te geven”, aldus Jos.  

Materieelgezien

Editie 04 | 2026