Stijn Jaspers
John van Helvert
Transitie naar deels onbemand vraagt om bundeling kennis, kunde en capaciteiten
De Noordzee was de afgelopen weken het toneel van onbemande systemen in de lucht, op en onder water, die samenwerkten aan een missie, aangestuurd vanaf een bemand platform. Tijdens de Maritime Uncrewed Sea Trials (MUST) 2026 oefenden CZSK en de afdeling Maritieme Systemen van het Commando Materieel en IT (COMMIT) dit voor het eerst.
Een UAV vliegt mee met ondersteuningsschip MV Geosea. / Een UAV en USV worden aangestuurd via IDUS-software voor onbemande operaties. / Tijdens MUST 2026 is geoefend met autonoom formatievaren van USV’s rond de Geosea. De 3D-geprinte USV vaart voor het ondersteuningsschip uit.
Hoog in de lucht klinkt een brommend geluid dat steeds dichterbij komt. De genodigden op het achterdek van Zr.Ms. Johan de Witt kijken omhoog. Een V-Bat vliegt langs bakboord. “Wij simuleren in dit scenario een Vessel of Interest”, klinkt het via de luidsprekers door het schip. Tijdens de demonstratie laten CZSK en COMMIT zien hoe onbemande systemen de slagkracht van de marine vergroten.
Een V-Bat voert eerste verkenning uit rond het Vessel of Interest. / Vanaf het achterdek van Zr.Ms. Johan de Witt volgen genodigden het verloop van MUST 2026.
‘Snelle koppeling innovatie en operationele toepassing essentieel’
Kortcyclisch innoveren
De genodigden van de VIP-dag zijn onder meer militairen uit België, Duitsland, Frankrijk, Noorwegen, het Verenigd Koninkrijk, de VS en Zweden. Zij werden eerder op de dag, samen met afvaardigingen uit de Nederlandse industrie en van kennisinstellingen, welkom geheten door Plaatsvervangend Commandant Zeestrijdkrachten (PC-ZSK) generaal-majoor der mariniers Rob de Wit.
Hij legt uit dat maritieme oorlogsvoering steeds nadrukkelijker richting onbemande capaciteiten verschuift. “In een tijd van toegenomen dreiging en snelle technologische ontwikkelingen, is een snelle koppeling tussen innovatie en operationele toepassing essentieel”, benadrukt De Wit. “We moeten kortcyclisch innoveren voor de transitie van volledig bemande platformen naar een vloot van lichter bemande platformen, met daar omheen onbemande en autonome systemen. Bovenal moeten we een systeem inrichten waarbij wij ons snel aan de nieuwe realiteit kunnen aanpassen. In ieder geval sneller dan de tegenstander.”
PC-ZSK GENMAJMARNS Rob de Wit benadrukt de noodzaak van het oefenen met onbemande systemen.
Kort samengevat: de transitie vraagt qua innovatie om snelle, korte klappen. Deze strategie staat uitgewerkt in de eerder dit jaar gepresenteerde ‘Toekomstvisie Maritime Uncrewed’ van de Koninklijke Marine. Ook in de vorige week gepresenteerde Defensienota 2026 staan onbemande systemen centraal. In de nota valt te lezen dat ‘over 5 jaar zeker de helft van de militaire slagkracht moet komen van onbemande systemen’.
‘We geven collega’s in de operatie experimentele technologie in handen’
IDUS presteert naar verwachting
Die slagkracht ontstaat volgens Naval Systems Architect Ferdinand van COMMIT alleen als meer onbemande systemen worden aangestuurd door minder mensen. “Je wilt niet dat 10 nieuwe drones alleen in de lucht kunnen blijven als je ook 10 operators op de grond nodig hebt”, zegt hij.
Tijdens MUST werken de drones in de lucht (Unmanned Aerial Vehicles, UAV’s), op het water (Unmanned Surface Vehicles, USV’s) en onderwater (Unmanned Underwater Vehicles, UUV’s) samen via IDUS: door de marine ontwikkelde software voor onbemande operaties. Met IDUS kan het Combat Management System Guardian, waar de marineschepen op draaien, communiceren met de verschillende soorten drones.
Naval Systems Architect Ferdinand van COMMIT.
“We geven collega’s in de operatie met IDUS experimentele technologie in handen”, vertelt Ferdinand. “En wat blijkt? De IDUS-software heeft gepresteerd zoals verwacht. Het is gereed voor de volgende stap richting operationele capaciteit voor de aansturing van lucht-, oppervlakte- en onderwatersystemen.”
Niet alleen de operatie profiteert van de wekenlange oefening. “Ook wij als ontwikkelaars leren elke dag. Het aantal software-releases schoot de afgelopen weken omhoog. En we hebben nog een mooie lijst van verbeterpunten om af te werken. Het kortcyclisch innoveren, waar generaal-majoor der mariniers Rob de Wit het al over had, is realiteit geworden.”
Meerdere eenheden wijden zich inmiddels aan het werken met onbemande systemen.
Nieuwe operationele concepten
Tijdens MUST is geoefend met autonoom formatievaren van USV’s rond ondersteuningsschip MV Geosea en met een FIND-operatie. Hierbij werkten onbemande vliegtuigen, oppervlakteschepen en onderwatervoertuigen samen om een doel te lokaliseren en te volgen.
Naast ondersteuningsschip MV Geosea is ook patrouillevaartuig DSS Galatea ingezet als commandocentrum.
Fender, Noa en Scout
Dat de aansturing via IDUS van een multidomein-scenario werkt, zien de VIP’s op de Johan de Witt met eigen ogen. Nadat de V-Bat is weggevlogen, varen 2 USV’s, de 3D-geprinte Fenders (zie kader), richting het marineschip. Niet lang daarna gevolgd door 2 UAV’s, van het type Acecore Noa, die opstijgen vanaf patrouillevaartuig DSS Galatea, het commandoplatform van vandaag. Vanaf de meevarende (bemande) USV van Damen wordt tot slot de Scout gelanceerd, een UUV van Lobster Robotics. In de lucht, op het water en onderwater; dit Vessel of Interest ontsnapt niet aan de onbemande ogen en oren van de marine.
Patrouillevaartuig DSS Galatea.
Een UUV van Lobster Robotics hangt voor lancering achter de meevarende interceptorboot van Damen.
‘Onbemande systemen robuuster maken’
Stip op horizon zichtbaar
Volgens majoor der mariniers Sander, adviseur onbemande systemen, is dankzij MUST 2026 de stip op de horizon, van bemande en onbemande systemen die als een geïntegreerd systeem opereren, dichterbij. “We hebben de grenzen van de hard- en software opgezocht. Nu moeten we doorpakken.” Dat betekent volgens Sander vooral dat kennis, kunde en capaciteiten slim gebundeld moeten worden. “De organisatie is nog in ontwikkeling voor de nieuwe onbemande capaciteit. Door onderhoud, softwareontwikkeling, operationele inzet, training, opleiding enzovoorts te bundelen, halen we in de toekomst het meeste uit deze systemen.”
MAJMARNS Sander, adviseur onbemande systemen.
Wat betreft de hardware merkt de adviseur nog op dat ‘we onbemande systemen robuuster moeten maken. “Drones boven, op en onderwater krijgen het flink voor de kiezen. Harde wind, sterke stroming, regen en mist; de elementen hebben impact op de operationele inzet. Dat is een aandachtspunt bij de doorontwikkeling.”
De Acecore Noa is een drone uit de stal van Acecore Technologies uit Uden.
Gereed voor volgende stap
Na afloop van alle beproevingen kon kapitein ter zee Sjoerd Feenstra, hoofd van het Expertise Centrum Onbemande Systemen, samen met zijn team concluderen dat de IDUS-software heeft gepresteerd zoals verwacht. En daarmee gereed is voor de volgende stap richting operationele capaciteit. Dat geldt ook voor de beide Fender USV’s. Ook deze eenheden zijn gereed voor de volgende fase. Samen met kapitein-luitenant ter zee Pieter Blank, programmaleider van het Organieke Maritieme Drone Cohort en Pepijn de Jong van Maritime Research Institute Netherlands (MARIN) ondertekende Feenstra aan boord een verklaring waarmee de overdracht van deze systemen naar CZSK in gang wordt gezet.
Innovatie voor onbemande systemen is mensenwerk. De kundige en enthousiaste medewerkers van CZSK en COMMIT zetten hier zich dag en nacht voor in.
Slagkracht door samenwerking
MUST 2026 was de eerste editie van een jaarlijks terugkerende oefening waarin de marine nieuwe operationele concepten ontwikkelt en beproeft. De resultaten dragen niet alleen bij aan de verdere ontwikkeling van maritieme onbemande capaciteiten, maar vormen ook input voor internationale NAVO-oefeningen. Want slagkracht voor onze veiligheid zit hem niet alleen in het samenwerken tussen systemen, maar ook tussen bondgenoten.
Terug naar de Johan de Witt. De onbemande drones en oppervlakteschepen verdwijnen langzaam aan de horizon terwijl Marinebasis Den Helder dichterbij komt. Waar de onderwaterdrone is? Wie zal het zeggen. Misschien houdt deze voor de zekerheid nog een oogje in het zeil.
Fender: 3D-geprinte USV
De Fender is een speciaal ontworpen en 3D-geprinte USV. Tijdens MUST 2026 zijn 2 van deze vaartuigen ingezet. Het onbemande oppervlaktevaartuig is in het afgelopen half jaar gerealiseerd dankzij een unieke samenwerking tussen de Koninklijke Marine, IMPACD boats en MARIN. De USV is 12 meter lang en rolt in 232 uur uit een 3D-printer. De ontwikkeling van de 3D-geprinte USV stopt niet volgens directeur Marieke de Boer van IMPACD boats.
“We innoveren door. Al tijdens de ontwikkelingen is de printtijd van 260 naar 232 teruggebracht. De afgelopen weken zijn daar veel nieuwe inzichten bijgekomen. 3D-technologie is perfect voor het kortcyclisch werken. Elk nieuw inzicht kan snel in het bestand van het ontwerp worden gezet. En daarna is elke laatst geprinte Fender ook direct het nieuwste model.”