KAP Saminna van den Bulk
SM Jan Dijkstra, LTZ 2OC (SD) Elsbeth Donselaar
Marine en ketenpartners schouder aan schouder in Rotterdam
De weerbaarheid van burger én militair werd op de proef gesteld bij het scenario in Rotterdam tijdens Port Defender. Samen met ketenpartners trainde de marine in de haven hoe om te gaan met de chaos die terreur creëert. “We leren hier elkaars taal te spreken.”
Dreigend zoemen drones boven de Rotterdamse Waalhaven. Achter de door reservisten beveiligde hekken ligt Zr.Ms. Luymes aan de kade, binnen het gebied dat is aangewezen als Tijdelijk Militair Object (TMO). Het schip zoekt bescherming in de normaliter civiele haven, maar de vijand gaat vanuit de lucht alsnog de confrontatie aan.
Het is het scenario van Port Defender 2026 in de Rotterdamse haven. Als grootste van Europa vormt de haven een kritiek punt in de maritieme infrastructuur. Net als ieder jaar trainde de marine samen met partners uit de veiligheidsketen. En dat leverde indrukwekkende platen op.
“We leren hier elkaars taal spreken”, vertelt luitenant ter zee 2OC (SD) Steven op de kade. Hij is tijdens Port Defender de officier belast met de leiding (OBL). “Alle bloedgroepen uit de veiligheidsketen komen voorbij. We werken hier samen met onder meer ambulancepersoneel, Brandweer, Douane en de Veiligheidsregio Rijnmond. We leren elkaars routines en procedures, zodat, als het erop aankomt, we zo goed mogelijk op elkaar zijn ingespeeld.” En uitdagingen krijgen ze te over.
De Defensie Duikgroep komt in actie wanneer er een persoon in het water belandt.
Douaniers van het Team Bijzondere Bijstand maken een instap in een container en houden verdachten aan. De drone-onderdelen die ze daar vinden, voorspellen weinig goeds. De vijand beraamt een aanslag op het TMO. Al snel dient het volgende incident zich aan.
Drones met explosieven richten een ravage aan op de kade. Zo klapt er een auto op een vrachtwagen. De gewonde passagiers schreeuwen om hulp. Meerdere mensen raken gewond en alle partners komen in actie.
Ook op de Luymes zijn er diverse gewonden. Het personeel aan boord schiet te hulp.
LOTUS-slachtoffers maken het geheel realistisch. In blinde paniek loopt een bebloede vrouw gillend over de kade. “We worden aangevallen. Ik word gek. Ik wil naar huis.” Ondertussen doen alle betrokken er alles aan om de situatie onder controle te krijgen.
De Rotterdamse kade is het decor van een stapelscenario, legt OBL Steven uit. “De incidenten volgen elkaar in rap tempo op. Zo krijgen we scherp hoe we als partners met elkaar samenwerken, maar ook waar het nog aan schort.” Als voorbeelden noemt hij het onderlinge taalgebruik. “Wij gebruiken ‘oost’ en ‘west’, waar andere partners bij een incident wellicht spreken over een ‘groene’ of een ‘zwarte zijde’.” Nog zo’n voorbeeld: “Het gebruik van radio’s. Op welke kanalen zitten we? Kunnen we met elkaars systemen werken? Dat soort zaken vind je alleen uit als je ze samen beproeft.”
Reden te meer om tijdens de oefening de balans op te maken. Wat gebeurde er? Wat ging er goed? Wat kan er beter? Dit soort overleggen zorgen ervoor dat de samenwerking enkel soepeler wordt.
Het is de eerste keer dat militairen van de Koninklijke Marine Reserve deelnemen aan Port Defender. Voor luitenant ter zee 2 (SD) Robbert voegt de dronedreiging een extra dimensie toe. “We zien ze hier dreigend boven ons vliegen. Dat maakt het realistisch, als gevechtsveld van vandaag.” “Heel nuttig dat we deze oefening doen”, vult sergeant-majoor BDA Robert aan. “Oefening baart kunst, helemaal in een civiele omgeving waar we multidisciplinair optreden. Het is nodig. Ik ben nog uit de tijd van de Koude Oorlog. Die is in mijn optiek nooit weggeweest, maar de dreiging wordt nu wel steeds voelbaarder.”
Sergeant ODND Ferry van de Maritieme EOD-compagnie ging voorwaarts in zijn bompak, vlak buiten het TMO. “We troffen na een verkenning met onze eigen drone een neergestorte drone aan, met daaraan een granaat. Ik maakte 2 röntgenfoto’s om zo een 3D-beeld te creëren.” Maar hij maakte niet alleen dat explosief onschadelijk. Eerder in het scenario ontving de commandant van de Luymes een doos met daarin een Improvised Explosive Device. Voor Ferry is het business as usual. “Wij werken en oefenen vaak samen met partners als de Politie, Koninklijke Marechaussee, Brandweer en Ambulancezorg. Bij een grootschalige oefening als deze heb je veel bewegende onderdelen. Maar het is goed dat we in het ‘grote plaatje’ meedraaien: zo doe je ervaring met elkaar op.”
Even lijkt de rust wedergekeerd op de kade. Tot er een melding binnenkomt van een explosief achter een loods. De EOD gaat ter plaatse, maar daarna volgt een luide knal. Weer is het raak, al lijkt dat deze ochtend voor de laatste keer.