KAP Riemer Witteveen
Paul Tolenaar, Jeroen Liebers, Herman Zonderland
Paars Space Command biedt kansen voor CLAS
Defensie krijgt er een command bij: Space. Nog steeds onder de vleugels van het Commando Lucht- en Ruimtestrijdkrachten (CLRS), maar écht op eigen benen. 30 juni was de aftrap voor het commando. In 2 jaar tijd komen er vele tientallen plaatsen bij en in 2028 moet de eenheid volledig operationeel zijn. Liaison officer Space voor de landmacht, majoor Edwin: “Veel collega’s zijn zich niet bewust van de impact van space op het landoptreden. Het is een onbekende dimensie, die niet speelt in hun belevingswereld.”
Aan de vooravond van de aftrap van het Space Command is het druk op de Luchtmachttoren in Breda, waar de staf van het CLRS huist. Luitenant-kolonel Petra Wijnja is hoofd Space Warfare & Expertise en nauw betrokken bij de ontwikkelingen naar een zelfstandig command. Haar agenda is tjokvol. “Er is geen pijl op te trekken. Elke week is anders en dat maakt het wel heel erg gaaf.”
Luitenant-kolonel Petra Wijnja (luchtmacht) en majoor Edwin (landmacht).
Space binnen Defensie was lange tijd heel erg houtje-touwtje
'We zijn ver gekomen'
Ze is dan wel luchtmachter, maar kijkt al met een paarse blik richting het domein: “Space is niet alleen die ene satelliet die ergens in de ruimte hangt. Het is veel meer dan dat. Elk operationeel commando (OPCO) gebruikt op haar eigen manier het ruimtedomein al. Zo kun je bijvoorbeeld afhankelijk zijn satellietcommunicatie (SATCOM), positie-navigatie-timingsignalen (PNT) of een weerbericht. Al die zaken overstijgen de grenzen van de OPCO’s.”
Het vijfde domein verdient daarom een eigen command. De aanloop daar naartoe is lang geweest, vertelt Wijnja: “Space binnen Defensie was lange tijd heel erg houtje-touwtje. Als ik kijk waar we nu staan, een zelfstandig Space Command in oprichting, dan zijn we van ver gekomen. We hebben nu eigen assets in de ruimte, we krijgen personeelsuitbreiding en Defensie-breed zijn we eindelijk overtuigd van de rol van space als vijfde domein.”
De BRIK II was een mijlpaal voor Defensie. De kleine, maar zeer waardevolle satelliet werd in 2021 gelanceerd en brandde eind 2025 op in de dampkring.
Operationele capaciteit
Er werken nu zo’n 30 mensen bij het Defence Space Security Centre. Het is de bedoeling om nog dit jaar te groeien naar 100 plekken. Als het Space Command vanaf 2028 eenmaal volledig operationeel is, zijn er enkele honderden plaatsen. Omdat de Luchtmachttoren in Breda al bijna uit z’n voegen barst, is het de bedoeling om te zijner tijd vanaf een andere locatie te gaan werken. Waar is nog niet bekend.
Luitenant-kolonel Wijnja: “We hebben wel bepaalde operationele capaciteit nodig, dus werven we binnen Defensie. Dat wil niet zeggen dat dat alles is wat we nodig hebben. We willen ook geen gaten trekken bij ander afdelingen; daar heeft niemand wat aan. We zijn 1 defensieorganisatie; over de gehele breedte moeten we sterk zijn. Daarom zoeken we ook burgers die al kennis van het space-domein hebben en die we juist het militaire aspect kunnen aanleren. Dit jaar beginnen we tevens met het vullen van 40 reservistenfuncties.”
De nieuwe patch van het Space Command.
Black box
Hogere echelons overtuigen van de waarde van space blijkt niet altijd makkelijk te zijn. Binnen Defensie ging alles rondom space voorheen al snel in een black box en goed op slot. “Beleidmakers hadden het te druk voor space, dachten ze”, meent de majoor. Wijnja knikt instemmend en vult aan: “Ik kreeg veel opmerkingen dat wij binnen Nederland en Defensie niks met space moeten doen. ‘Dat doen de grote landen wel, wij kunnen dat toch niet’, hoorde ik dan. Onze eerste demonstratiesatelliet liet zien dat we mooie dingen kunnen doen en dat de ruimte van toegevoegde waarde kan zijn.”
Majoor Edwin werkt sinds de oorlog in Oekraïne binnen het space-domein. “Er kwam bij Defensie weer wat geld vrij voor uitbreiding bij space en ze wisten dat ik interesse had. Ik ben als liaison officer de schakel tussen de landmacht en het Space Command. Na mijn space-opleiding stelde ik me de vraag of de landmacht iets met space moest doen. Mijn antwoord was een overtuigd ja. Ik zag het als mijn taak om de black box open te trekken en mijn overtuiging over te brengen bij de C-LAS.”
En dat lukte: “Ik heb in mei vorig jaar mijn verhaal gedaan binnen de Landmachtraad, het hoogste besluitvormings- en adviesorgaan binnen de landmacht. In juni heeft C-LAS luitenant-generaal Swillens op de Kromhoutkazerne besloten te gaan intensiveren. We maken stappen, maar versnellen is zeker op zijn plaats.”
Een constellatie van satellieten van het Finse bedrijf ICEYE, dat ook aan Defensie levert.
Space Command als dataleverancier
“Bij de landmacht gaan we niet zelf satellieten aansturen”, legt Edwin uit. “Dat doet het Space Command 24h/7 voor ons en de eenheden binnen Defensie. We hebben uiteraard wel een idee hoe we alle data vanuit de ruimte kunnen toepassen, maar hoe die data tot stand komt; daar gaan ze bij Space Command over.”
Hoe het commando de verschillende OPCO’s gaat helpen, is volgens de majoor vrij eenvoudig: “Je kunt het Space Command zien als een dataleverancier voor de verschillende OPCO’s. Zij krijgen heel veel data binnen vanuit de ruimte en leggen een databank aan. Wij hebben vervolgens toegang tot die databank en halen daaruit waar we behoefte aan hebben.”
Data uit de ruimte hielp tijdens de oefening Bastion Lion om de positie voor een wateroversteek te bepalen.
In de praktijk
Vorig jaar, bij de oefening Bastion Lion, werd er voor het eerst data geleverd. Edwin: “Met die data moesten landmachters analyseren waar ze het beste een wateroversteek konden maken.” Ook tijdens de recent afgelopen oefening Fighter Lion speelde space een rol. “We hebben 2 experimenten ondersteund met space assets. De eerste om met de data van de SAR-satelliet (SAR staat hier niet voor Search And Rescue, maar voor Synthetic Aperture Radar, red.) inzicht te krijgen in het terrein en de terreinbegaanbaarheid. De tweede om te kijken of we vanuit de ruimte doelen buiten zichtafstand konden identificeren. De intel vanuit de ruimte vult reguliere waarnemingen goed aan.”
“Veel intel komt vanuit space”, vult Wijnja aan. “Als een vliegtuig een grens overschrijdt zonder toestemming, is dat mogelijk een hostile act. Een satelliet mag zich echter te allen tijde overal begeven.”