KAP Saminna van den Bulk
Rob Gieling, 13 Lichte Brigade, 43 Gemechaniseerde Brigade
Landmacht aan de slag met conclusies onderzoeksrapport
Hoe zit het met de balans tussen oefenen en opleiden? Het is een onderwerp dat veel landmachters bezighoudt. Zo ook generaal-majoor Gert-Jan Kooij (Land Component Command) en de Landmachtadjudant Klaas Bootsma (Staf CLAS). “Het verlies van een collega is nooit acceptabel en raakt ons allemaal enorm.”
Er moet meer evenwicht komen in de oefenambitie, de ervaringsopbouw van militairen en aanvullende veiligheidsmaatregelen. Dat is de conclusie van het rapport van de Onderzoekraad voor de Veiligheid (OVV) ‘Oefenen in balans’. Hierin neemt de commissie 2 dodelijke incidenten onder de loep (zie kaders hieronder). Bij Defensie zou de overtuiging leven dat fatale ongelukken bij militaire oefeningen er ‘helaas bij horen’, een ‘onvermijdelijk kwaad’. De koppen in de media logen er niet om. ‘Defensie beschermt onervaren militairen onvoldoende’. ‘Onervaren militairen te snel ingezet bij oefeningen’.
Het raakt de landmachters. In de woorden van generaal Kooij, commandant 13 Lichte Brigade tijdens Bastion Lion: “Het overlijden van Delano is de zwartste dag uit mijn carrière en van vele collega’s met mij.” Kun je risico’s tijdens trainingen tot nul reduceren? Dat is onmogelijk, vinden beide heren. Bootsma: “Maar het verlies van een collega? Dat hoort niet bij het oefenen. In geen enkele omstandigheid. Dit raakt ons allemaal enorm.”
De 21-jarige soldaat-1 Delano kwam in april 2025 om het leven tijdens de oefening Bastion Lion.
Bastion Lion
De schok is groot wanneer in april 2025 de 21-jarige soldaat-1 Delano om het leven komt in het Duitse Güz Altmark. Tijdens de oefening Bastion Lion ligt de militair van 13 Lichte Brigade te slapen in een gecamoufleerde slaapzak naast zijn Bushmaster in de berm van het oefendorp.
Wanneer er meer en meer voertuigen in het dorp verschijnen voor de bevelsuitgifte en het overzetten van materieel, raakt de weg geblokkeerd. Zware voertuigen ontwijken de blokkade door door de berm te rijden, de plek waar Delano naast zijn voertuig ligt.
Spanning
De krijgsmacht kampt met de dreiging van een grootschalig conflict. Wie voorbereid aan de startlijn wil verschijnen, moet getraind zijn. “De wereld staat in de fik”, zegt Kooij. “We moeten grootschalig oefenen, met diverse eenheden tegelijk. Die moeten allen samenkomen als in een orkest, om het gevecht te winnen.”
Tegelijkertijd groeit Defensie in mens en materieel. Versneld gereedstellen voor hoofdtaak 1 is het devies, want de vijand wacht niet. Een van de zaken die het rapport daarin ook aanhaalt, zijn de verkorte opleidingen. Zo krijgen militairen nu de Basisopleiding Koninklijke Landmacht (BOKL). Deze duurt 10 weken, waar de voorgaande Algemene Militaire Opleiding (AMO) 18 weken in beslag nam. Na de BOKL worden ze bij hun eenheid verder stapsgewijs opgeleid en voorbereid op de toekomstige werkzaamheden binnen hoofdtaak 1. Hierbij kijkt de eenheid naar een goede aansluiting op de werkzaamheden en het niveau binnen de club.
We hebben scherp gekeken naar wat de militair nodig heeft voor het gevecht van morgen
Kooij: “We moeten met z’n allen klaarstaan voor hoofdtaak 1; het beschermen van het eigen grondgebied en dat van onze bondgenoten. Dit maakt dat we de opleiding hebben herzien. We moeten versneld klaar staan, wat een andere focus geeft. Welke onderwerpen zijn van het grootste belang in dat scenario? Dit is een ander takenpakket dan wat een militair nodig heeft in een hoofdtaak 2-missie, het bevorderen van de internationale rechtsorde.” Dat maakt niet dat de kwaliteit is verslechterd: “We hebben scherp gekeken naar wat de militair nodig heeft voor het gevecht van morgen.”
De 28-jarige korporaal-1 Mark kwam in oktober 2025 om tijdens de oefening Ferocious Bison.
Ferocious Bison
In oktober 2025 trainden diverse compagnieën tijdens Ferocious Bison in het Duitse Munster Nord, toen de 28-jarige korporaal-1 Mark overleed door een noodlottig ongeval. De militairen van de mortiergroep rijden bij duisternis met hun Fenneks naar een verzamelgebied. Als de route afgesloten blijkt, keren ze om en zoeken naar een weg om van het terrein af te komen. Daarbij rijden ze over verhoogde rijbaanpaden.
Voertuigcommandant Mark en de boordschutter hebben beide een helderheidsversterker en gaan bovenluiks om de chauffeur te helpen met zijn zicht. Ze rijden naar het gravelpad waar ze vandaan zijn gekomen, als het voertuig helt. Hoewel de chauffeur tegenstuurt, kan hij het kantelen van de Fennek niet voorkomen, met het overlijden van Mark als verschrikkelijk vervolg.
Scherp op elkaar en jezelf
Defensie zit in een leerproces, legt Landmachtadjudant Bootsma uit. Door de groei van personeel werken eenheden met collega’s met verschillende ervaringsniveaus. “Het is aan het kader om dit te herkennen en aan de pelotonsleiding om hier rekening mee te houden. Is iemand nog niet op niveau? Dan moeten we daar ruimte voor maken binnen de oefening.”
We moeten het gesprek aangaan. Wat vind ik veilig?
Dat brengt Kooij bij de mentale component. Het rapport beschrijft het onderzoek naar de incidenten. Beiden gebeurden bij duisternis: de een toen een militair ging rusten, de ander toen een eenheid verplaatste met haar voertuig. Daarin is ervaring opdoen cruciaal, aangezien dit ook tijdens een ‘echt’ gevecht moet gebeuren. “Onze militairen zijn doordrongen van de uitdaging waar we voor staan. Iedereen wil klaar zijn voor een eventueel gevecht. We hebben een cultuur waarin mensen zich durven uitspreken. Tegelijkertijd hebben we een situatie waarin iedereen gedreven is realistisch te trainen: train as you fight. We moeten daarover het gesprek aangaan. Wat vind ik veilig? Wanneer moeten we op de spreekwoordelijke rem trappen?”
Na de initiële opleiding volgen de vakopleiding en het inwerken bij de eenheid. Kooij: “We kijken nu nog scherper of wat we onze militairen leren in die verschillende periodes goed op elkaar aansluit. Dat moeten we met elkaar zeker stellen.”
De ruimte bieden
Dat gebeurt regelmatig, geven de landmachters aan. Zo bleek tijdens oefeningen in het verleden dat eenheden nog wat ervaring misten voor grootschalig optreden. Daarop handelde de leiding. Kooij: “Die eenheden hebben in een afgeschermde omgeving hun eigen trainingsdoelstellingen gehaald. Ik wil 1 ding scherp stellen: we trainen niet koste wat kost. Veiligheid staat voorop. Ik vraag mijn collega’s daarin met elkaar te praten en ook scherp op elkaar te zijn. Heb je geen ervaring met rijden in de duisternis? Spreek elkaar erop aan of geef het aan.”
Bootsma besluit: “Ik zie bij alle collega’s enorme motivatie om ons klaar te stomen voor het gevecht van morgen. Ja, het ambitieniveau is hoog, want in oorlogstijd is tweede worden geen optie. Maar niemand is belangrijker dan het team. We doen er alles aan om samen van start te gaan en samen weer thuis te komen.”
Bij iedere oefening staat veiligheid voorop. Om dit nog verder te borgen, werd bij de oefening Fighter Lion een complete veiligheidsorganisatie gebouwd. Deze trad op in alle lagen van de oefening om de training zo veilig mogelijk te laten verlopen. Teams evalueerden elke dag de voortgang.
Een goede ontwikkeling, vindt Bootsma: “Het blijft belangrijk om voor, tijdens en na de oefening met elkaar in gesprek te gaan. Wat ging er goed, wat kan beter? Die lessons learned maken ons sterker in ons optreden.”