Jopke Rozenberg-van Lisdonk
1
De Vliegende Hollander in nieuwe lay-out
Vanaf dit jaar verschijnen de defensiebladen, dus ook de Vliegende Hollander, op een nieuw online platform genaamd ‘Defensie Dichtbij’. Deze website blijft ook in crisissituaties operationeel. Daarmee voldoet Defensie aan de opdracht uit de Defensienota 2024 om een robuust online platform in te richten voor informatieverstrekking aan de samenleving.
Defensie Dichtbij is in april 2025 gelanceerd met de publicatie van nieuwsberichten. Sindsdien wordt de website stapsgewijs uitgebouwd tot volwaardige informatiebron over de Nederlandse krijgsmacht. Op het platform kun je eventueel (nieuws)artikelen filteren op basis van persoonlijke interesses en/of locatie.
Voor gemakkelijke toegang tot Defensie Dichtbij, en dus ook tot de magazines, kun je een snelkoppeling (tegel) installeren op je smartphone.
* Ga hiervoor naar de website defensiedichtbij.nl
* Klik bovenin het startscherm op de pop-up met de tekst ‘Voeg de app toe aan uw startscherm’
Het platform is gebouwd voor mobiel gebruik, waardoor artikelen, foto’s en video’s het best te lezen en te zien zijn op smartphone en tablet. Uiteraard is Defensie Dichtbij ook volledig op een computerscherm te zien.
De eerder verschenen edities van de Vliegende Hollander – en ook de defensiebladen Alle Hens, Defensiekrant, KMarMagazine, Landmacht en Materieelgezien – zijn nog gewoon te raadplegen via defensiedichtbij.nl/magazines. Onderaan die pagina staat ook een aanmeldlink waarmee je je eenvoudig kunt abonneren op de diverse uitgaven.
2
Reapers half jaar langer in Roemenië
De missie met MQ-9 Reapers die bijdraagt aan de verdediging van de NAVO-oostflank wordt met een half jaar verlengd. De militairen en de MQ-9’s blijven tot eind september 2026 in Roemenië. Dat maakte demissionair minister Ruben Brekelmans bekend tijdens een NAVO-vergadering op 11 februari in Brussel.
De toestellen helpen sinds begin 2024 bij zogenoemde Air Shielding-operaties. Daarbij worden ze vanuit Roemenië langs de oostgrens van het NAVO-verdragsgebied ingezet. De data en informatie die daarbij vanuit de lucht wordt verzameld, helpen bij het opbouwen van een goed beeld van de situatie. De missie zou eind maart eindigen, maar wordt na overleg met Roemenië en de NAVO met een half jaar verlengd.
De Reapers worden vanuit Nederland door personeel van 306 Squadron bestuurd. Ook het verwerken van de inlichtingen gebeurt in Nederland. Om de toestellen te onderhouden en bewaken zijn er militairen in Roemenië aanwezig.
Foto: sergeant-majoor Barend Westerveld
3
Samenwerking diensthonden met Zweden
Defensie gaat jonge honden uit een Zweeds fokprogramma opleiden voor inzet binnen de Nederlandse krijgsmacht. Daarvoor sloot commandant Royal Air Education & Training Center (RAETC) kolonel Maria Alta namens de luchtmacht een overeenkomst met Zweden. Dat deed ze op 27 januari in Stockholm.
Zweden heeft al ruim 25 jaar een eigen fok- en puppyprogramma voor werkhonden. De samenwerking zorgt voor een betrouwbare instroom van jonge honden in Nederland en vermindert de afhankelijkheid van een krappe civiele markt. Dit draagt bij aan de kwaliteit van werkhonden die worden ingezet voor bewakings- en opsporingstaken.
Aan de overeenkomst ging een voorbereidingstraject van ongeveer anderhalf jaar vooraf. Daardoor zijn de eerste resultaten inmiddels zichtbaar. Zo volgen vier honden uit het Zweedse programma een opleiding tot speurhond bij de Koninklijke Marechaussee. Daarnaast worden er al zeven honden opgeleid voor bewakingstaken binnen Defensie, onder meer voor de luchtmacht en de Defensie Bewakings- en Beveiligingsorganisatie.
Zweden zoekt sinds het NAVO-lidmaatschap actief de samenwerking op met andere landen om kennis en capaciteit te versterken. Nederland staat internationaal bekend om de kwaliteit van de opleiding en inzet van militaire werkhonden en is daarmee een logische partner. Met deze overeenkomst is een belangrijke basis gelegd voor de toekomstige inzet van diensthonden binnen de krijgsmacht.
Foto: sergeant-majoor Aaron Zwaal
4
Italië investeert in eerste Europese F-35-vliegeropleidingscentrum
Voor de oprichting van een multinationaal F-35-vliegeropleidingscentrum zegde Italië onlangs 112,6 miljoen euro toe. Die faciliteit komt op de luchtmachtbasis Trapani-Birgi op Sicilië. Dit is het eerste niet-Amerikaanse opleidingscentrum voor F-35-vliegers.
Het zo te noemen Lightning Training Center gaat tevens fungeren als de derde operationele basis voor de F-35 in Italië. Het wordt een extra locatie voor internationale opleidingen voor F-35-partnerlanden binnen de NAVO en Europa. Naar verwachting is het centrum in 2029 volledig operationeel. De komst speelt in op de groeiende vraag naar F-35-vliegeropleidingen in Europa.
Naast de individuele vliegeropleiding streeft het Lightning Training Center ernaar de samenwerking tussen Europese luchtmachten te bevorderen. Het gaat daarbij om het standaardiseren van procedures, planningsmethoden en tactieken. Dat moet ervoor zorgen dat gezamenlijke operaties binnen NAVO-missies of andere multinationale samenwerkingsverbanden nog soepeler verlopen.
Foto: sergeant-majoor Cristian Schrik
5
Anti-drone radars op 4x4-voertuigen
Op tientallen Ford vierwiel-aangedreven voertuigen worden vanaf februari geavanceerde radarsystemen gemonteerd. Daarmee zijn defensielocaties beter te bewaken. De radars waarschuwen vroegtijdig voor naderende drones. Ook valt sneller te reageren in het geval van ongewenste indringers.
De systemen kunnen vogels en andere bewegende objecten onderscheiden van drones. Defensie bestelde vorig jaar diverse radars en ontving in november de eerste exemplaren. De laatste systemen worden naar verwachting voor het eind van 2026 geleverd.
Foto: sergeant Sjoerd Hilckmann
6
‘MiG-killer’ in militair museum Soesterberg
De F-16 ‘van’ commodore Peter ‘Wobble’ Tankink is sinds 28 januari van dichtbij te zien in het Nationaal Militair Museum (NMM) in Soesterberg. Tankink haalde met dit toestel in 1999 boven Kosovo een Servische MiG-29 neer. Dat deed hij tijdens de NAVO-operatie Allied Force. Daarmee werd de J-063 een legendarisch exemplaar.
Acht jaar voor de actie van Tankink kwam het tot een uitbarsting van geweld in het verdeelde Joegoslavië. De NAVO stuurde er tienduizenden militairen naartoe om de vrede te herstellen en te bewaren. De Koninklijke Luchtmacht werd vanaf 1992 ingezet bij het conflict. Nederland stelde F-16’s beschikbaar voor operaties boven Bosnië, Servië en later Kosovo. Op de eerste nacht van Allied Force, 24 maart 1999, beschermden vier Nederlandse F-16’s coalitievliegtuigen die aanvallen uitvoerden boven vijandelijk gebied. Toenmalig majoor Peter Tankink was een van de vliegers. Op hun radars zagen zij een vijandelijk vliegtuig naderen. Zodra was vastgesteld dat het om een MiG-29 ging, vuurde Tankink uiteindelijk een Amraam-luchtdoelraket af. Daarmee schoot hij het toestel uit de lucht. De vlieger van de MiG kon zich redden met zijn schietstoel. De J-063 gaat sindsdien door het leven als de ‘MiG-killer’.
Foto’s: NMM
7
NASOC wijkt tijdelijk uit naar AOCS NM
Medewerkers van het National Air & Space Operations Center (NASOC) werken van februari tot eind mei grotendeels vanaf het Air Operations Control Station Nieuw Milligen (AOCS NM). In de tussentijd wordt het pand ‘De Cockpit’ in Breda, waar ze normaliter werken, gerenoveerd. Het gaat daarbij zowel om de huisvesting als IT-infrastructuur.
De tijdelijke verhuizing heeft geen invloed op de inzet en beschikbaarheid van het NASOC. Behalve een praktische oplossing, is het werken vanuit een uitwijklocatie ook een waardevolle test. Het vraagt om flexibiliteit een aanpassingsvermogen van de medewerkers. Dat sluit aan bij een weerbaar en adaptief optreden van de krijgsmacht. Het gaat daarbij om zaken als flexibel werken in tijd en plaats, samenwerken en gebruik van ICT op afstand, en het snel vinden van praktische oplossingen onder veranderende omstandigheden. De lessen die hieruit worden gehaald, zijn met het oog op een toekomstige inrichting van een volledige NASOC-uitwijklocatie zeer waardevol.
Foto: sergeant Sjoerd Hilckmann
8
Operationele Gezondheidszorg wisselt kennis uit met Amerikanen
Collega’s van de sectie Aeromedical Evacuation van de Operationele Gezondheidszorg (OGZ) van het Defensie Helikopter Commando trainden in de tweede week van dit jaar samen met Amerikaanse evenknieën. Dat deden ze op Ramstein Air Base in Duitsland.
De Nederlanders wisselden hun kennis en vaardigheden uit met teams van het 86th Aeromedical Evacuation Squadron van de U.S. Air Force. Dat deden ze zowel in theorie als praktijk op het gebied van materieel, werkwijzen en procedures. De collega’s trainden samen in gemixte teams aan boord van een Amerikaanse C-130J. De overeenkomsten in optreden en procedures bleken groter dan verwacht. De gezamenlijke kennisuitwisseling en training zorgen ervoor dat de integratie tijdens een operatie soepeler verloopt.
De training was een vervolg op de oefening Resilient Care, die afgelopen september in Zweden plaatsvond.
Foto: OGZ
9
Succesvolle eerste editie Europees Tactical Airlift Symposium
Op het Air Mobility Command (AMC) op Vliegbasis Eindhoven vond op 14 en 15 januari de eerste editie van het Tactical Airlift Symposium plaats. Ruim zestig deelnemers afkomstig van tien NAVO-partners gingen aan de slag met tactische uitdagingen op het gebied van Joint Forcible Entries en een steeds complexer wordende dreiging.
Naast Nederland waren België, Denemarken, Duitsland, Finland, Frankrijk, Polen, Portugal, Zweden, de Verenigde Staten en afgevaardigden van NAVO-instellingen aanwezig bij dit symposium. De deelnemers vormden een mix van uiteenlopende en cruciale specialiteiten voor het optreden van tactische transportvliegtuigen: vliegers (van onder andere A400M, C-130, C-295, F-35 en KC-390), Intel, ISR, C2, Cyber, Plans, onderzoeksinstellingen en onmisbare partners van het Commando Landstrijdkrachten.
In werkgroepen pakten de deelnemers tactische casussen op, waarbij ze een missieplanning doorliepen om tot een gezamenlijke oplossing te komen. Het proces leverde tientallen aanbevelingen op. Deze worden teruggekoppeld naar warfare centers en verschillende staven binnen de nationale krijgsmachten van de deelnemende landen.
Foto: sergeant-majoor Maartje Roos
10
Sneeuwval in Nederland biedt kansen
De krijgsmacht kwam volop in actie tijdens het winterse weer in januari. Dagenlang lag er een dik pak sneeuw. Ook de luchtmacht maakte van de gelegenheid gebruik de vaardigheden in een sneeuwlandschap te trainen.
Zo beoefenden Chinook-bemanningen zogenoemde white-out-landingen. Opstuivende sneeuw beperkt dan het zicht en maakt het landen een zeer lastige klus. Dit soort landingen worden doorgaans in het buitenland getraind. Nu kon dat ‘gewoon’ op en rond de Oirschotse Heide. Ook de militairen van het Air Mobility Command waren op Vliegbasis Eindhoven volop in beweging. Ze zorgden ervoor dat vliegtuigen, start- en landingsbanen, taxibanen en platformen sneeuw- en ijsvrij bleven. Hierdoor kon het vliegverkeer veilig doorgaan. Lees en bekijk hierover ook deze reportage in de Defensiekrant (externe link, opent in een nieuw venster of tabblad) .
Foto: 298 Squadron
11
Luchttransport tijdelijk vanaf Gilze-Rijen
Over twee jaar zal een deel van de militaire luchttransportactiviteiten tijdelijk plaatsvinden vanaf Vliegbasis Gilze-Rijen. De reden daarvoor is de baanrenovatie van Vliegbasis Eindhoven, die staat gepland van februari tot en met juni 2027.
Het gaat om de inzet van C-130’s en een beperkt aantal andere ingehuurde of bondgenootschappelijke transporttoestellen. Ook het gereedstellen en afhandelen van personeel en vracht behorende bij de vluchten hoort daarbij.
Foto: sergeant-majoor Maartje Roos
12
KLu Orkest reikt cheque uit aan Stichting Hoogvliegers
Tijdens de vierde kerstshow van het Orkest Koninklijke Luchtmacht ontving de Stichting Hoogvliegers een cheque van ruim twintigduizend euro uit handen van orkestdirecteur majoor Toine Jongbloets. Commodore Ellen Meeuwsen-Scholten nam deze als bestuursvoorzitter van de stichting in ontvangst.
Het Chassé Theater in Breda is op 15 december gevuld met luchtmachtcollega’s en -relaties. Het orkest treedt voor hen op samen met Shirma Rouse en Douwe Bob. Naast het vertellen van het verhaal van de Koninklijke Luchtmacht en het verbinden van mensen met muziek, toont het orkest maatschappelijke betrokkenheid. Zo zet het bij veel concerten een goed doel in de spotlights. Ditmaal was dat de Stichting Hoogvliegers, die zieke en gehandicapte kinderen een bijzonder en onvergetelijk avontuur laat beleven als piloot in een vliegtuig. Sinds 2007 genoten hier al meer dan 14.000 kinderen van. De stichting ontvangt geen subsidies en is geheel afhankelijk van donaties. Dankzij de steun van de Koninklijke Luchtmacht, donaties van het publiek en de samenwerkingen met Shirma Rouse en Douwe Bob kon het orkest duizenden euro’s aanbieden aan de Stichting Hoogvliegers.
Foto: Ron Rutten