Sla over en ga naar de inhoud
Een drone-operator zit met zijn handen aan een drone.

Eerste UAS-peloton experimenteert volop 

KAP Jaap Wolting 

Heidie Stoffer-Mulder 

‘Wat ik technisch kan, maakt mijn eenheid tactisch beter’ 

Begin deze maand kondigde de landmacht aan massaal in te zetten op drone-eenheden (zie kader, red.). Wat veel mensen niet weten is dat in Havelte een peloton al een jaar lang bezig is om het drone-optreden onder de knie te krijgen. We spraken kapitein Teun, commandant van het UAS-peloton van 45 Pantserinfanteriebataljon.  

Kun je iets meer vertellen over de samenstelling van jouw eenheid? 

“In een jaar tijd hebben we ons peloton al 4 keer opnieuw georganiseerd. De status is op dit moment als volgt: 4 man in de commandogroep, een fixed wing sensorgroep van 12, strike-groep van 12 man die de strike-drones bedienen en een deploy/support-groep die onder meer de drones inzet die radiosignalen reguleren om meer range te krijgen. Daarnaast hebben we een clubje technical development, dat druk is met kortstondig innoveren van onze systemen. Essentieel, weten we uit Oekraïne, want daar zie je dat systemen zoals ze uit de fabriek komen, lang niet altijd werken aan het front. Daar halen militairen ze eerst uit elkaar, passen iets aan zodat ze wél werken en vliegen er dan pas operaties mee.” 

Militairen van het UAS-peloton nemen in het bos nog snel even een geplande actie door. 

Wat was in het begin het moeilijkste om te leren? 

“Het technische aspect van het werk is voor ons het grootste verschil. Bij infanterieoptreden komt relatief weinig hoogcomplexe techniek kijken. Je hebt je Colt, magazijnen, vest en de rest van je uitrusting. Werkt dat geweer niet, voer je een storingsreactie uit en doet hij het weer. Nu hebben we echter te maken met veel nieuwe techniek, waar je voor opgeleid moet worden én waar we nog aan moeten wennen. Wat je anno 2026 echter ziet, is dat in het huidige gevecht technische ontwikkelingen het tactisch optreden dicteren. Simpeler gezegd: wat ik technisch kan, maakt mijn eenheid tactisch beter. Daarom hebben we geen keus en moeten we mee in die ontwikkelrace.” 

Met wat voor drones werken jullie? 

“Voor het creëren van een goede situational awareness vliegen we met DeltaQuad fixed wing drones. Vrij grote systemen die we uren in de lucht kunnen houden en een goede camera hebben. Verder opereert de strike-groep natuurlijk met FPV-drones (First Person View), beter bekend als kamikazedrones omdat je er een payload onder kunt hangen. Klein, snel, goedkoop. Op de derde plaats hebben we nog de Martlet, een quadcopter die we onder meer gebruiken als relieerstation.” 

De eenheid werkt op dit moment onder meer met de DeltaQuad, die ze uren in de lucht kunnen houden en die een goede camera heeft. 

Wat was voor jullie echt een eye-opener

“Bij de start waren we vooral erg onder de indruk van de enorme transparantie die het creëert op het gevechtsveld, vanuit de lucht. Wij pantserinfanteristen zijn opgeleid om te acteren of reageren op wat er om je heen gebeurt. Als ik nu kijk naar wat wij vanuit de lucht allemaal zien, maakt dat de manier van optreden die wij gewend zijn, een stuk gevaarlijker. De landmacht kan het zich niet veroorloven om zich daar niet aan aan te passen.” 

Tijdens oefeningen werkt het UAS-peloton nauw samen met bijvoorbeeld de pantserinfanterie. 

Hoe snel veranderen de tactieken rondom het werken met drones? 

“In Rusland en Oekraïne wijzigen tactieken aan beide zijden razendsnel. Ze treden er nu alweer anders op dan een half jaar geleden. En 6 maanden eerder, deden ze het ook weer anders. Via de lijn zie ik veel rapporten en verslagen in over de oorlog. Natuurlijk proberen wij die bevindingen te volgen, maar wat het extra lastig maakt is dat eenheid A het weer anders invult dan eenheid B.  
Ik vertelde net al dat onze pelotonsorganisatie al 4 keer is gewijzigd. Nou, dat komt dus doordat wij proberen mee te bewegen met die golf aan trends. Als je namelijk meer effect kunt geven door je organisatie aan te passen, moet je dat meteen doen. Het is heel belangrijk om ook in de toekomst die flexibiliteit te behouden.” 

Een drone-piloot zit tijdens een vlucht in zijn eigen bubbel. 

Werken jullie tijdens oefeningen samen met andere eenheden?  

“Ons UAS-peloton heeft meerdere oefeningen gedraaid in binnen- en buitenland, met zowel andere Nederlandse eenheden als ook buitenlandse eenheden. En uiteraard zoeken we ook de samenwerking met bijvoorbeeld eenheden van het Defensie Grondgebonden Luchtverdedigingscommando, zoals hun C-UAS peloton.” 

Om realistisch te trainen, oefent het UAS-peloton soms onder meer met andere eenheden binnen 43 Gemechaniseerde Brigade, zoals hier met de CV90’s van 45 Pantserinfanteriebataljon. 

Wat is het meest innovatieve materiaal waar je nu mee werkt? 

“De netwerkoplossing waar we eind maart mee bezig waren. Daarmee kunnen we dronebeelden veilig delen met alle spelers in een netwerk. Ik kan de locatie van de drone delen, we kunnen onderling communiceren en het is niet gebonden aan de radio’s die we nu hebben. Op 100 kilometer kan ik met jou praten, en je beelden laten zien of zelfs geven.” 

Wat voor middelen zou jij graag in de toekomst willen hebben, als jij de keuze had? 

“Ik ben niet verknocht aan een bepaald type drone. De ideale systemen voor ons zijn snel leverbare systemen met een open architectuur, waar we dingen in kunnen aanpassen en die we makkelijk in een netwerk kunnen hangen. Daarnaast vind ik het belangrijk dat we een stabiel netwerk hebben dat de situational awareness en situational understanding die we creëren breed kan delen met de rest van de eenheden waar we samen mee vechten. Zodat we een betere common operational picture, een common air picture hebben, waardoor we nog effectiever worden in ons optreden.” 

Kapitein Teun: “Ik vind het belangrijk dat we een stabiel netwerk hebben dat de situational awareness en situational understanding die we creëren breed kan delen met de rest van de eenheden waar we samen mee vechten.” 

Jullie waren proefkonijnen met een uniek mandaat. Bijzonder in dit tijdperk? 

“Het was inderdaad een heel mooie kans om dit zo te hebben mogen opzetten. Iets totaal anders dan met 4 pantservoertuigen voorwaarts gaan. Wat eenheden als de onze potentieel op de mat kunnen brengen, is enorm. Ook zeker voor het personeel in de eenheid zijn het echt heel mooie jobs met veel verantwoordelijkheid en zelfstandigheid. Dus wat dat betreft liggen er echt mooie kansen, al moet ik ook zeggen dat oorlog er niet leuker op wordt met alle ellende die er nu door de lucht vliegt. Heel bewust kijken we dus ook naar het grotere plaatje van wat er speelt op het wereldtoneel. Het peloton krijgt lessen over actualiteiten, wat er nu precies gaande is in Oekraïne, en achtergrondinformatie over waarom dingen wereldwijd gebeuren. Wij vinden het erg belangrijk dat onze mensen snappen waarom we zo veel tijd en energie steken in UAS en C-UAS. Zodat die FPV-piloot doorheeft waaróm hij rondvliegt met zijn strike-drone.” 

Militairen hebben zich ingegraven en voeren van onder de grond drone-operaties uit. 

Formalisatie van functies 

De functie-uitbreiding die de Task Force Drones op 1 april bekend maakte (lees voor meer info het interview met brigadegeneraal Joland Dubbeldam in deze Landmacht) is een belangrijke organisatorische stap waardoor personeel formeel kan worden geplaatst, geworven en opgeleid. Anders dan gebruikelijk accepteert de landmacht hierbij dat niet overal al alle randvoorwaarden zijn gerealiseerd. 

In de huidige tijdgeest moeten we klaar zijn om het op te nemen tegen een gelijkwaardige tegenstander. Juist door deze onconventionele aanpak is Nederland binnen de NAVO een van de voorlopers op het gebied van drone-optreden. 

Landmacht

Editie 03 | 2026